Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
Nederlands Film Festival 2001 - Verslag
Score 121, 20 01 2006



NEDERLANDS FILM FESTIVAL - Verslag - Verschenen in Score 121, december 2001

De winnaar is bekend: iedereen heeft het in de pers kunnen lezen. Henny Vrienten won voor de tweede keer de vakprijs filmmuziek en kreeg daarvoor een Gouden Kalf. In de vorige Score voorspelde de redactie al dat Vrienten bij de drie genomineerden zou horen. Fons Merkies en Vincent van Warmerdam waren de anderen. Ook het filmtijdschrift Skrien waagde zich aan een prognose. Schrijver Kees Hogenbirk meldde in zijn artikel “een prijs voor kwaliteit” (Skrien, nr. 8, oktober 2001) dat wat hem betreft er maar één winnaar moest zijn: Theo Nijland (“met een prachtig eigen geluid en grote veelzijdigheid ondersteunt hij drama”). Fons Merkies werd op nummer 2 gezet (“omdat die zijn enorme oeuvre van meestal kwalitatief hoogstaande opdrachten op ingehouden toon van emotie voorziet”). Loek Dikker (“Nederlands meest ervaren filmcomponist. Helaas heeft hij zijn kunde in de verslagperiode alleen getoond voor Peter Delpeut") werd op de derde plaats gezet. Over Vrienten, de winnaar, geen woord. Hoe smaken kunnen verschillen.

Vrienten

Henny Vrienten was bij de feitelijke prijsuitreiking afwezig omdat hij ziek was. Enige tijd later hadden we hem voor de telefoon. Hoe vind je dat nu zo’n tweede Kalf? Vrienten: “Ik ben er echt heel blij mee. Ik had het absoluut niet verwacht. Immers, ik had er al één en dacht dat nu een ander aan de beurt zou komen. Het is zeker wel een waardering van anderen. Hoewel ik in de wandelgangen heb gehoord dat sommigen vinden dat ik het meer aan mijn naamsbekendheid heb te danken. Ik ben trouwens nu een eigen studio aan het bouwen, waar ik binnenkort ook alle opnamen zelf kan doen. Ik ben nu bezig met de muziek voor de nieuwe George Sluizer-film Het stenen vlot. Volgend jaar doe ik twee films waarvan één Pietje Bell (kerstfilm 2002) is. Ik ga niet zo veel filmmuziek meer doen. Ik doe er weinig en dan is twee per jaar mooi. Maar wel met heel veel aandacht.”

Live-muziek

Tijdens het NFF waren er diverse voorstellingen met live-muziek. In samenwerking met het Filmmuseum en de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht presenteerde de festivalleiding twee vertoningen van de stomme film Majoor Frans van Maurits Binger uit 1916. Voor deze gerestaureerde film componeerden studenten van de Hogeschool nieuwe filmmuziek die live gespeeld werd. Op een ander moment was er een speciale filmvoorstelling voor de hele familie. Lachen is goud was een programma met zwijgende films van Buster Keaton, Harold Lloyd en Laurel & Hardy met live gespeelde nieuwe filmmuziek, geschreven door Maud Nelissen en uitgevoerd door The Sprockets. Ten slotte componeerden Daniel Cross, Alex Geurink en Hunga inloopmuziek die voorafgaand aan de filmvoorstellingen tijdens het festival te horen was.

Seminar

De meest opvallende activiteit tijdens het festival was het seminar: dag 1 op vrijdag 21 september en dag 2 op woensdag 26 september.

Dag 1

Het programma van dag 1 omvatte twee onderdelen: ’s morgens vond er een masterclass plaats en ‘s middags was er een seminar over de rol van filmcomponist in Nederland.

Aan het weer kon het niet liggen, maar de belangstelling voor beide evenementen was niet echt overweldigend. Welgeteld 60 belangstellenden - merendeels studenten - bezochten ’s morgens de masterclass in filmtheater ’t Hoogt in Utrecht. Het seminar werd door slechts 40 mensen bezocht in het Cinema Boulevard paleis (Neude). Geniet filmmuziek dan zo weinig belangstelling? Als we een recent afgestudeerde studente van de Filmacademie mogen geloven, is filmmuziek binnen het curriculum van deze opleiding nog steeds een ondergeschoven kindje, zo bleek tijdens het seminar.

Deskundigen versus studenten

Dat filmmuziek ook in ons land nog steeds een zaak voor mannen is, bewees de masterclass die ochtend. Zowel de studenten, de panelleden als de gespreksleider waren van het mannelijk geslacht. Hoe zou een soortgelijke masterclass in Engeland verlopen?

Zes studenten van diverse conservatoria uit geheel Nederland hadden muziek gecomponeerd bij twee korte Nederlandse films. Na vertoning van de betreffende film met hun provisorische score mochten de studenten naar voren komen en zich op de bühne laten overspoelen door wijze adviezen van vier befaamde Nederlandse filmcomponisten. Het deskundigenpanel bestond uit Paul M. van Brugge, Rens Machielse, Vincent van Warmerdam en Fons Merkies (helaas was Henny Vrienten verhinderd). Na deze adviesronde was het de bedoeling dat de studenten met deze aanwijzingen hun score verder zouden afmaken en deze tijdens een tweede ronde (dag 2) andermaal ten gehore zouden brengen. Gespreksleider tijdens deze uitwisselingsronde was Patrick van Mil.

In de eerste ronde viel meteen Lars Anton Skoglund van het Rotterdams Conservatorium op. Zijn ritmische en olijke score paste wonderwel bij de getoonde beelden van de strijd tussen een restaurantbezoeker en een rebellerend zoutvaatje (Salt Battle). Bij de tweede film (Joy Meal) werd het strijkje van de Groningers Michiel van der Veen en Matthijs van der Veer (studenten aan het Noord-Nederlands Conservatorium) door de vier deskundige filmcomponisten het meest geprezen.

Seminar

Na de middagpauze werd deze filmmuziekdag voortgezet in het Cinema Boulevard paleis. Zowel de vier filmmuziekcoryfeeën als gespreksleider Patrick van Mil waren wederom van de partij. Thema van dit seminar was het beroep van filmcomponist in Nederland. Vragen uit het publiek waren hierbij steeds welkom.

Als eerste kregen de vier heren de vraag voorgelegd hoe ze in de filmmuziekbranche verzeild waren geraakt. Bij Fons ging dat via opdrachtjes voor school en bij Vincent via Hauser Orkater en de lichting aanstormende regisseurs omstreeks 1980. Paul heeft zijn carrière grotendeels te danken aan een kroegbezoek in Den Haag waarbij hij de Argentijnse regisseur Alejandro Agresti ontmoette wiens huiscomponist hij vervolgens werd.

Interessant werd het toen het buitenland aan de orde kwam. Vincent ontving in 1992 een Europese Filmprijs voor De Noorderlingen en had een succesvolle loopbaan als filmcomponist in binnen- en buitenland kunnen hebben, had hij destijds beduidend meer aan de weg getimmerd, met name in Frankrijk. Paul benadrukte dat hij door de films van Agresti in de Spaanstalige wereld enige faam heeft opgebouwd. Volgens hem zijn de faciliteiten in het buitenland vaak ook beter om filmmuziek te gebruiken in films.

Dat in dit verband geld een aanzienlijke rol speelt, werd vervolgens door Rens benadrukt. Volgens hem is filmmuziek vaak een ondergeschoven kindje binnen het totale filmbudget. Dankzij de cv-constructie (de belastingmaatregel om geld te investeren in Nederlandse films dat vervolgens grotendeels afgetrokken kan worden) ontstaan natuurlijk meer films in Nederland. Daarnaast ontstaan er meer coproducties met andere landen, waardoor werken in het buitenland steeds meer in beeld komt. Wellicht dat er door beide ontwikkelingen meer emplooi komt voor filmcomponisten, aldus Paul. Ondanks de karige Nederlandse situatie reageerden de vier toch bevestigend op Patricks vraag of je kunt leven van filmmuziek. 
De crème de la crème van de Nederlandse filmmuziek tijdens het seminar: v.l.n.r. Paul M. van Brugge, Rens Machielse, Vincent van Warmerdam, Fons Merkies en gespreksleider Patrick van Mil.

Dag 2

De tweede dag was net zo interessant als de eerste. Alle studenten waren weer aanwezig om hun verbeterde composities met filmmuziek te presenteren. Fons Merkies en Vincent van Warmerdam waren er niet. Echter de nog resterende leden Paul M. van Brugge en Rens Machielse deden hun afwezigheid snel vergeten. Met heel veel woorden gaven deze componisten/docenten hun mening over het vertoonde. Vele analyses en toelichtingen passeerden de revue. Uitermate leerzaam voor de aanwezige tientallen studenten en die ene verdwaalde luisterende componist, journalist of filmrecensent. Aan het eind van de ochtend werden de originele korte films vertoond die door de studenten waren gebruikt voor de muziek: Joy Meal van Mathijs Gijskes en Salt Battle van Ron Termaat. Natuurlijk met de originele, gecomponeerde muziek, weer toegelicht door de componisten zelf. Zo leerde dit seminar dat dit een heel goede activiteit kan zijn binnen het kader van een filmfestival. 

Concert

Het hoogtepunt van dit festival was natuurlijk de uitreiking van het Gouden Kalf voor de beste muziek, de eenmaal per vijf jaar uitgereikte vakprijs. Deze uitreiking vond op zondagavond 23 september plaats in de Stadsschouwburg te Utrecht. Voor een halfvolle zaal, zo’n 400 mensen, waaronder nog geen handvol Score-lezers, trad het Metropole Orkest op met filmmuzikale hoogtepunten uit binnen- en buitenlandse films. Het orkest onder leiding van Dick Bakker bracht vijftig minuten lang een fantastisch concert. Goed gespeeld, afwisselend en met allure. Trijntje Oosterhuis zong Vlieg met me mee uit Abeltje en aan het eind Love me in Slowmotion. Echt geweldig.

De prijsuitreiking zelf en de hele entourage eromheen was een aanfluiting. Er was een presentator, onbekend talent, die alleen maar overbodig aan- en afkondigde en helemaal niets toevoegde. Achter het orkest was een groot filmdoek gepresenteerd waar af en toe wat slechte dia’s uit films werden vertoond. Een gemiste kans: waarom niet fragmenten getoond van verschillende films waarvoor de genomineerden muziek hadden gecomponeerd? En waarom niet de genomineerden Fons Merkies en Vincent van Warmerdam (Vrienten was ziek) even naar voren gehaald om ze voor te stellen aan het publiek (hebben ze er ook een gezicht bij) en een klein interviewtje te houden, ondersteund door beelden? Nu waren ze alleen lijfelijk aanwezig, zaten ergens middenin de zaal op niet eens gereserveerde plaatsen. Het was zo gemakkelijk geweest, juist ook omdat ze muzikaal wel werden voorgesteld door het orkest. En de feitelijke prijsuitreiking was een teleurstelling omdat de winnaar ziek was. Bob Zimmerman nam de honneurs waar en deed dit naar vermogen. Ook was nergens een fotograaf te zien: Merkies en van Warmerdam hadden toch minstens even op de foto gekund voor de landelijke bladen. Bloemen waren ver te zoeken. Zodat we, voordat we het wisten, na vijfenzestig minuten plotseling weer buiten stonden.

JW/Paul S.



Gerelateerde links
 Startpagina

Score 121
Andere artikelen:
Elmer Bernstein - Portret
Nederlands Film Festival 2001 - Verslag
Gabriel Yared - Portret
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy