Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
Maurice Horsthuis - Interview
Score 180, 24 03 2015

MUZIEK MET EEN BREED GEBAAR

Maurice Horsthuis over zijn score voor Het nieuwe Rijksmuseum


Op het laatst gehouden International Documentary Film Festival Amsterdam (IDFA) werd de Nederlandse documentaire Het nieuwe Rijksmuseum - De film van Oeke Hoogendijk onderscheiden met de Beeld en Geluid IDFA Award for Dutch Documentary. Ook behoorde de film tot de publieksfavorieten van het festival. De krachtige muziek van de film, zoals te lezen valt op de website van het IDFA, werd geschreven door Maurice Horsthuis die geen onbekende is op het gebied van muziek voor documentaires. Met Score sprak hij onlangs over de muziek van Het Nieuwe Rijksmuseum.

                                             Maurice Horsthuis
 
De klassiek geschoolde Maurice Horsthuis (Breda, 1948) heeft als componist in de afgelopen decennia vooral naam gemaakt met klassieke werken, naast experimentele muziek en jazzcomposities. Voorts schreef hij veelvuldig muziek voor het theater. Als altviolist heeft hij in diverse muziekgroepen gespeeld. Al sinds 1984 (De Razende Hollander) heeft hij met enige regelmaat muziek voor documentaires geschreven, waaronder Leven of Theater (1987) van Kees Hin en enkele documentaires van Eline Flipse. Editor van Het nieuwe Rijksmuseum was Gys Zevenbergen, die meerdere malen met Flipse heeft samengewerkt en de muziek van Horsthuis kende. Zevenbergen introduceerde hem bij Oeke Hoogendijk die de componist vervolgens vroeg de muziek voor de museumfilm te schrijven. Horsthuis over de totstandkoming van Het nieuwe Rijksmuseum: ‘Toen de verbouwing in 2004 begon, hebben ze bedacht om die te gaan filmen als een documentaire. Dat heeft Oeke toen met haar crew gedaan en die opnamen hebben ze uitgebracht in twee delen die op de televisie werden vertoond. Dat was zo interessant geworden, dat ze die verbouwing verder zijn gaan volgen en ze hebben toen doorgefilmd tot aan de opening en dat is deel 3 en deel 4. Die delen zijn ook op televisie geweest een dag vóór de officiële opening met de koningin vorig jaar april. Voor deel 1 en 2 schreef een componistenduo de muziek en daarnaast werden bestaande stukken gebruikt. Toen ze deel 3 en 4 gingen maken hebben ze mij gevraagd om de muziek te gaan doen. Dat was een hele interessante en lange opdracht en aldus is het zo verdeeld qua muziek.’

Vijftig procent

Na voltooiing van de vierdelige documentaireserie in 2013 ontstond het idee om van alle opnamen die gemaakt waren, in totaal vierhonderd uur volgens Horsthuis, een bioscoopversie te maken van ruim twee uur. ‘Toen moest al het materiaal weer opnieuw door de wringer en is de film helemaal opnieuw gemonteerd, nu in één groot blok over die tien jaar dat de verbouwing geduurd heeft tot en met het einde dat je de koningin de sleutel om ziet draaien en dat het museum echt geopend is. En voor die hele film heb ik de muziek gedaan. Er zitten een paar fragmenten in die niet van mij zijn maar dat is minimaal. Ik geloof dat in de lange versie van 130 minuten een uur muziek van mij zit, dat is bijna vijftig procent muziek. Dat maak ik niet zo vaak mee, want ik heb al veel documentaires gedaan, ook korte van een uur en dan zit er voor een derde muziek in en soms nog wat minder. Maar Het nieuwe Rijksmuseum zit dus behoorlijk vol met muziek.’

                             Wim Pijbes in Het nieuwe Rijksmuseum
 
Hoe is Horsthuis met het componeren begonnen? ‘In het begin stuurde ik de regisseur en de editor allerlei dingen die ik vroeger met een eigen orkest heb gedaan. Alleen maar strijkers en elektrische gitaar en verder nog losse dingen en ook wel eens dingen uit vorige documentaires. Gewoon om te laten zien hoe breed mijn scala is, maar ook om erachter te komen waar hun voorkeuren liggen. En daarnaast of ze in staat zijn om verrassende dingen ook te waarderen; dat ze niet uit zijn op clichés, wat gelukkig niet zo was. Vervolgens kreeg ik scènes toegestuurd, korte scènes zoals Wim Pijbes in de trein: Kun je hier iets bij maken, want we hebben iets nodig. Heb je een idee? Op die manier. En dan zit je al een beetje in de warmte van het proces.’

Voor de uiteindelijke composities gebruikte Horsthuis bestaand materiaal naast nieuwe stukken. ‘Soms gaat dat bestaande materiaal dan ook niet meer door, dan komt er iets nieuws voor in de plaats. Maar er zitten dingen in die ik al bedacht had of misschien nog niet eens gebruikt had, dat kan ook. Daarnaast heb ik gezegd: Ik wil ook dingen maken voor een strijkorkest. Dan ga ik een strijkorkest zoeken om dat te spelen en op te nemen. Ik heb tien stukken geschreven voor een groot strijkorkest, waarvan er zeker een stuk of zes of zeven in de film zitten. Dan krijg je een heel breed gevoel, een breed gebaar wat echt hoort bij zo'n lange documentaire van een groot gebouw met die grote schilderijen en al die mensen die iets te doen hebben daar: een conservator, een directeur en een huismeester. Sommige dingen deed ik puur akoestisch en soms gebruikte ik mengvormen. Die maakte ik met software en dan speelde ik er zelf viool in.’

Met wie heeft Horsthuis vooral samengewerkt? ‘Oeke heeft natuurlijk een enorme stem gehad in het geheel, maar ze heeft veel overgelaten aan Gys, de editor. Een keer is ze gewoon echt prominent in beeld geweest, dat was toen ze muziek nodig had om naar het einde van de film te komen, dat moest een beetje apotheoseachtig zijn.’ Horsthuis schaafde lang aan deze belangrijke compositie en enkele telefonische contacten met de regisseuse resulteerden in  snelle noten en bijna trompetgeschal als aan het einde van de film de Nachtwacht binnenkomt en de deuren opengaan. ‘De muziek die in vol ornaat hier optreedt is in flarden - net als de schilderijen - aanwezig in eerdere scènes. We kregen later een prijs, de Zilveren Nipkowschijf. In het juryrapport stond dat vooral aan het einde een zekere spanning zit, mede dankzij de muziek. Mooi zo!’ Ten slotte was er enige samenwerking met geluidsman Michel Schöpping: ‘Ik heb voornamelijk complimenten van hem gekregen. Hij vroeg bij de postproductie nog wel eens om een extra nootje maar verder heeft hij zijn eigen zeer breed terrein, heel spannend, petje af!’

Ratjetoe

De score bevat zowel klassieke stukken als meer jazzgeoriënteerde composities. ‘In de achttiende-eeuwse zalen is een medewerker bezig met een schitterende lambrisering en met kasten die daar worden neergezet. Lyrisch praat hij over die barokke tijd. De muziek is daar ook een soort barokke muziek. Dat werkt dan. De andere dingen zijn een beetje jazzy, sommige zijn een beetje experimenteel. Maar ik zeg bij alles een beetje, omdat het niet echt jazz, niet echt experimenteel en ook niet echt klassiek is. Soms is het een kleine bezetting: een viool alleen, en soms is het een heel symfonieorkest, soms is het alleen maar een strijktrio. Het is een ratjetoe van heb ik jou daar.’ Voor de opnamen toog Horsthuis naar Enschede waar hij de strijkers van het Nederlands Symfonieorkest dirigeerde. Andere stukken werden opgenomen met zijn eigen band Elastic Jargon. ‘Er zit ook heel veel materiaal van die band in, zoals improvisaties van de violisten evenals van de bassist en de gitarist. En verder nog losse dingen: een strijkkwartet, verder een duo voor viool en elektrische gitaar en nog een aantal stukken. De soloklarinet die je hoort is virtueel, maar dat werkt geweldig, want een klarinet klinkt bijvoorbeeld in MIDI behoorlijk goed, vooral als je goede samples hebt.’ Is de piano ook te horen in de score naast de viool, de klarinet en de elektrische gitaar? ‘Piano bijna niet. Die wordt bijna altijd gebruikt. Dat is altijd goed, zal ik maar zeggen, dus doe ik dat zo weinig mogelijk.’

Het Joodse Bruidje van Rembrandt wordt teruggehangen in Het nieuwe Rijksmuseum
 
Over de functie van de muziek in de film merkt Horsthuis op: ‘De muziek heeft een ondersteunende functie. Hij zorgt ook erg voor de variatie in het tijdsverloop en in de beleving. De langzame muziek geeft je het gevoel dat iets lang duurt. Dat is een mooie eigenschap van geluid en van muziek; dat je de tijd in mekaar kan duwen en uittrekken.’ Over de verhaalontwikkeling: ‘Er zit wel een spannend verhaal achter, maar het heeft geen plot. Er wordt niemand doodgeschoten, de Nachtwacht wordt niet in de fik gestoken en er zijn ook geen moorden, of wat dan ook. Maar er zijn wel degelijk protagonisten, mensen die een rol en een karakter hebben, die worden ook uitgelicht in de film. De muziek doet daar dan echt zijn werk.’

Ziet Horsthuis verschillen tussen het componeren voor een documentaire en voor een speelfilm? ‘Ja, een speelfilm is heel wat anders, je kunt het bijna vergelijken met een tekening en een foto. In een documentaire wordt vooral de laatste tijd steeds meer van alles gedaan wat niet echt gebeurt of er is een stemming die er helemaal niet is. Dan krijg je een tussenvorm. En speelfilms doen soms documentaireachtig aan, ze maken gebruik van een documentairestijl, dus dat loopt een beetje door elkaar. Maar ik merk wel dat speelfilms meestal niet erg ver durven gaan, ze willen het grote publiek bereiken, dus het moet ook aan de grote smaak appelleren. En die is in principe nogal beperkt, vooral het tempo van de muziek. Het zijn altijd weer die strijkers die staccato spelen. Ik wou dat Stravinsky nooit Le sacre du printemps had geschreven, dan hadden we daar geen last van gehad. Sinds Jaws zitten we daaraan vast. En zo zijn er nog een paar van die dingen, zoals de hoorns. Ik zou eigenlijk een score moeten maken zonder hoorns. Dat lukt niemand.’

Waar is Horsthuis op dit moment mee bezig? ‘Ik ga nu werken aan de nieuwe film van Eline Flipse, die gaat over Ethiopië. Het schrijven van muziek voor documentaires neemt een redelijke plaats in mijn bestaan in. Daarnaast schrijf ik op dit moment een stuk voor alle altviolen van het Amsterdams Conservatorium, voor een altvioolweek in het voorjaar.’ Die laatste opdracht is een kolfje naar de hand van Horsthuis die tijdens zijn opleiding altviool heeft gestudeerd, het instrument dat hij nog steeds graag bespeelt. 

Over de muziek uit de documentaireserie wil hij ten slotte nog het volgende kwijt: ‘Column Film, de producent van Het nieuwe Rijksmuseum bood me aan om op iTunes een album neer te zetten met een selectie uit deel 3 en 4. Dat heeft Column Film gedaan.’

PS 

Gerelateerde links
 Startpagina

Score 180
Andere artikelen:
Boekbespreking - Musicals met een zward randje
Jóhann Jóhannsson - Interview
Maurice Horsthuis - Interview
Andrey Dergatsjev - Interview
114 scores in de race
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy