Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
Erik-Jan Grob - Interview
Score 184, 31 10 2015

DRIE FILMS IN EEN JAAR

Interview met Erik-Jan Grob
Voor drie films die dit jaar in de vaderlandse bioscoop te zien zijn schreef componist Erik-Jan Grob de muziek. Daarmee is 2015 een topjaar geworden voor de jonge componist uit Utrecht, een wapenfeit dat vorige maand nog eens werd bekroond met een nominatie voor het Gouden Kalf. Na De Boskampi's ging onlangs de tweede van het trio in roulatie: de doldwaze actiekomedie Popoz. En deze week kan worden genoten van De grote Zwaen van Max Porcelijn voor wie Grob drie jaar geleden reeds een memorabele score schreef.

Erik-Jan Grob (Bennekom, 1980) is alweer tien jaar actief in de filmwereld. Als kleine jongen werd hij al gegrepen door de ontroerende muziek van E.T. Een besef van het vak van filmcomponist kwam medio jaren '90 toen Vangelis met Conquest of Paradise de eerste plaats van de Nederlandse hitlijsten bereikte. Grob: ‘Ik heb altijd van filmmuziek gehouden. Het is pas later gaan dagen dat ik dat ook zelf zou kunnen gaan maken.’ Zijn opleiding volgde hij aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, waar hij de opleiding Muziektechnologie volgde. ‘In het tweede jaar kregen we les van Rens Machielse, een leraar die echt puur op film inging. We mochten toen een score kiezen van James Newton Howard en daar een minuut of twee van namaken, met de computer. Toen kwam ik erachter dat ik daar heel handig in was. Vanaf toen ben ik eigenlijk een beetje blijven hangen in het filmische genre, al wist ik nog niet alles van muziek bij film, want daar ben je ook in vier jaar nog niet helemaal achter. Daar ben ik ook nu nog niet echt achter, het duurt heel lang voordat je dat helemaal door hebt.’

Het diepe in

Na zijn afstuderen in 2004 maakte Grob veel muziek voor reclame alvorens twee jaar later zijn filmdebuut te maken met Dood eind van Erwin van den Eshof. ‘Wat ik toen merkte was dat de filmische sound en de filmische aanpak in reclames heel handig waren voor mij: korte spanningsbogen, drie dagen werken en klaar. Dat beviel mij heel erg. En toen kwam Dood eind. Het geeft een hoop onzekerheid als je dan in je eentje in je studiootje zit, maar ik sloeg me er doorheen, omdat ik het een heel interessant genre vond: het was zowel thriller als horror, een soort epische horror. Die film is heel goedkoop gemaakt, ik denk voor maximaal tweeënhalve ton en we zaten er allemaal voor een appel en een ei in. Maar het was wel gelijk het diepe in, al had ik natuurlijk wel eens een korte film gedaan.’ Bij verschijnen in augustus 2006 leek Dood eind het begin van een serieuze reeks Nederhorror te vormen, maar daar was na het twee maanden later uitgebrachte Sl8n8 niet echt sprake van.

Voor Grob betekende deze eerste vingeroefening in het scoren voor film niet meteen meer werk voor films, behoudens talrijke opdrachten voor televisie en de reclamewereld naast enkele korte films waaronder Hou Holland schoon, een aflevering uit de reeks One Night Stand uit 2008 geregisseerd door Arne Toonen. Deze kennismaking met Toonen leidde twee jaar later tot Dik Trom, een populaire familiefilm die zowel Toonen als Grob op de Nederlandse filmkaart zette. Hoe kwam de score tot stand? ‘Ik heb deze film niet als familiefilm gescoord, dus niet met doorsnee kinderfilmmuziek. Het was een film waar onder elke dialoog wel score moest komen, daar kwamen we al heel snel achter. Ik heb deze score in vier weken moeten doen. Uiteindelijk was er 74 minuten score, al is er nog wel wat uitgehaald.’

De vrolijke, pakkende score verscheen indertijd op iTunes en vormde mede daardoor een ideaal visitekaartje voor komende regisseurs. De eerste diende zich niet veel later aan in de persoon van Max Porcelijn die bezig was met zijn debuutfilm Plan C. ‘Max heeft mij gebeld naar aanleiding van Dik Trom, terwijl hij helemaal niet in dat genre wilde werken, maar hij vond de baldadigheid van die grote score heel interessant.’ Porcelijn had bij de voorbereidingen van zijn film de humor en de sfeer van de films van de gebroeders Coen voor ogen, bijvoorbeeld hun meesterwerk Fargo uit 1996. Voor de door de pers bejubelde tragikomedie uit 2012 schreef Grob een afgewogen score die het komische paart aan de veelvuldig voorkomende tragische taferelen, zonder daarbij de spannende momenten te vergeten. Tijdens de begintitels horen we een korte, op het lieflijke af klinkende compositie die wordt uitgevoerd door de harp. ‘Je hebt de harp en een heel zachte celeste; het begint zo zacht. Die harp heb ik ook gewoon zo gelaten, ik heb hem eigenlijk lomp ingespeeld omdat ik niet wilde dat hij te harperig en al te perfect voelde. Het moest een beetje ironisch overkomen, want het is een komedie die niet echt om te lachen is en ook weer wel. Dat kenmerkt Max heel erg.’

In Plan C leren we meteen in de beginscène Ronald Plasmeyer - weergaloos gespeeld door Ruben van der Meer - kennen, de vleesgeworden loser die van de ene rampspoed in de andere belandt. Je zou hier een thema verwachten voor de alomtegenwoordige Ronald. ‘Het is niet zo'n film waar je als componist opeens gaat zeggen: we hebben een thema voor hem. Dan ga je teveel onder de dialoog sturen, wat ook niet zo slim is in Plan C, want dan krijg je een soort plotmuziek. De enige plotmuziek die er een beetje in zat was richting het eind, waar alles behoorlijk in de versnelling gaat, waar Ronald naar het hotel gaat en waar geschoten wordt en wanneer hij uiteindelijk zijn geld gaat wassen in die epische scène in de auto. Dat laatste is echt een knipoog naar Fargo trouwens, die scène in die auto.’

De score voor Plan C is grotendeels een verzameling kleine muziekstukjes die treffend een handeling begeleiden of de sfeer versterken. Zoals boleroachtige muziek tijdens de tocht van Ronald naar de cruciale pokeravond en de pauken als hij na de mislukte overval rondjes rijdt in zijn auto omdat hij zijn aansteker heeft laten liggen op de plaats delict. ‘Dat was ook een idee van Max. Aldus heb ik het leidmotief van de harp met pauken gespeeld. Dat was me heel erg bijgebleven en dus heb ik voor zijn volgende film gekozen om dat paukenprincipe eens uit te gaan zoeken hoe dat überhaupt werkt, want mensen gebruiken ze bijna nooit melodisch. In Plan C werkt dat best wel goed, ook omdat het een stressmoment was vanwege de aansteker die hij had laten liggen.’ Naast deze korte stukjes zit de muziek vaak in het hoofd van Ronald, bij uitstek tijdens stille momenten. ‘Dat was ook een van de weinige keren dat het gevoelige harpthema terugkeert en dat komt dan ook even bij dat grote moment in die auto terug, en ook nog daarna als hij bedenkt wat hij allemaal heeft gedaan. Dit is ook een typisch Max Porcelijn-moment, dat de hoofdpersoon een verlossing beleeft, een soort aftermath-scène en daarna volgt er altijd weer een ontnuchtering.’

Good Sounds

Sinds Plan C verloopt de carrière van Erik-Jan Grob grotendeels met twee regisseurs: Arne Toonen en Max Porcelijn. Na het succes van Plan C meldde Toonen zich vorig jaar voor een nieuwe hilarische familiefilm. De Boskampi's was in het voorjaar een bescheiden succes in de bioscopen. In deze film over Rikkie, een gepest jongetje dat zich vervolgens uit angst voordoet als maffiazoontje teneinde respect en aanzien te kweken onder zijn medescholieren, komt een showdown-scène voor met klanken die aan Ennio Morricone doen denken. Grob over deze scène op het schoolplein in het begin van de film: ‘Arne had Morricone onder de beelden staan met echt zo'n tokkelbas, maar die wilde ik niet namaken. Die muziek was wat minder boos en wat meer cool en ik vond dat het ook wel zwaar mocht zijn omdat Rikkie gepest wordt. Daarna kon ik ombuigen naar een meer Danny Elfman-achtige sfeer bij het uitleggen van wat zijn vader eigenlijk voor loser is en hoe hijzelf gepest wordt op straat door de buurkinderen. Maar het was absoluut op Morricone geënt.’ Op de aftiteling staat Grob vermeld voor de originele score en Good Sounds voor de originele songs. De medewerkers van deze studio in Amsterdam die muziek schrijven en sounddesign verzorgen kende Toonen uit de reclamewereld. ‘Ze hebben een negental originele songs geschreven, die soms heel kort in de film te horen zijn: Italiaanse stukjes, rocktracks, er zit geen enkele song in die gekocht is. Holy Macaroni bijvoorbeeld is duidelijk gemaakt voor de film en is te horen bij het einddansje.’


                           Thor Braun als Rikkie in De Boskampi's.

Mede dankzij de uitbundige liedjes wordt het niet echt eng in deze familiefilm, al is er tegen het einde een scène met een dreigende zwarte auto en daarnaast is er natuurlijk de nachtmerrie van Rikkie wanneer de muziek ook spannende trekjes krijgt. ‘Bij de nachtmerrie die hij heeft als zijn vader bijna in een ton met water wordt geduwd hebben we wel wat getwijfeld. Die hakte er namelijk ook in qua volume. Maar ik denk dat kinderen gewoon meeleven door de ogen van het jochie en pesten is natuurlijk ook niet heel leuk. Arne's films zijn gelukkig nooit heel moralistische films in de trant van: Gij zult niet pesten, al zit er aan het eind wel even een moralistisch trekje in.’ 

De tweede film dit jaar met muziek van Grob ging begin deze maand in roulatie. Popoz werd geregisseerd door Martijn Smits en Erwin van den Eshof en is precies wat het pretendeert te zijn: een vette actiekomedie die zich in vliegende vaart ontrolt rondom twee agenten van de Amsterdamse politie. De muziek volgt de veelvuldige actie in een rollercoastertempo. Ook nu weer werkte Grob samen met Good Sounds dat net als bij De Boskampi's ook voor deze film de muziekmixage deed. ‘Ja, al zitten er in Popoz wat minder songs. De hiphopbeats en grappige muziekjes zijn ook expres door Good Sounds gedaan omdat ik zo op de score zat, dat als je dan opeens grappige muziek gaat maken die soms iets teveel op de score lijkt, het contrast verdwijnt. Dus soms is het heel fijn als iemand een grappig muziekje maakt met een andere instrumentatie die helemaal losstaat van wat je daarvoor hebt gehoord.’ 


                                   Pierre Bokma als Mercator in Popoz.

Gaat de film van tijd tot tijd over de top, ook van de score mag dat gerust worden gezegd. Vooral de scènes met het door Pierre Bokma angstaanjagend gespeelde booswicht Mercator kennen barokmuzikale begeleiding dan wel vette elektronische klanken met gemene synthesizers. ‘Dat is die vieze synthesizersound uit de jaren '80 die Morricone ook wel eens schaamteloos durfde te  gebruiken. En de elektrische gitaar, dat is zo'n genreding, dat kun je ook heel fout gebruiken. Er zijn enkele emotionele scènes die je expres niet met strijkers moet doen, want dan gaat het mis.’ 

Net als de muziek van zijn voorgangers werd die van Popoz opgenomen in Grob's eigen studio thuis. Zou hij wel eens met een orkest willen werken? ‘Uiteindelijk wel. Ik heb vrij autodidact op gehoor leren werken en om de vertaalslag te maken van wat ik allemaal met de computer heb gemaakt naar een echt orkest zal ik zeker een arrangeur nodig hebben. In het ideale geval zou ik ooit graag een duo willen vormen met iemand die precies die dingen kan die ik minder beheers zoals notatie en arrangeren. Er zijn er een paar in Nederland, maar niemand echt van de ouderwetse garde zoals John Williams die alleen maar met de pen werkt. Die zit achter zijn piano te componeren en schrijft de noten gewoon uit.’  

Gouden Kalf

Grob kijkt met tevredenheid terug op de speelse, vindingrijke en trefzekere score voor Plan C. In het jaar waarin de film uitkwam ontving hij er een nominatie voor het Gouden Kalf voor. Hetzelfde gebeurde vorige maand met zijn score voor De Boskampi's. Wat betekent een nominatie voor hem? ‘Het maakt je blij en zenuwachtig tegelijk. Bovenal is het leuk om zoiets mee te maken. En bij de tweede keer ga je er iets nuchterder in. Ik hoop altijd dat de beste wint, ik hoef niet per se te winnen. En je moet ook nooit hopen dat je genomineerd wordt. Bij Plan C had ik echt geen idee dat dit mogelijk was.’


      Peter van de Witte als Gerard F. Zwaen en Ton Kas als Leon in De grote Zwaen.

Het leven gaat na het misgelopen Gouden Kalf rustig verder en deze week gaat alweer de derde film binnen een jaar met muziek van Erik-Jan Grob in roulatie. De grote Zwaen is de langverwachte opvolger van Max Porcelijns Plan C. In deze thriller die zich afspeelt in de jaren '90 van de vorige eeuw raakt de schrijver Gerard F. Zwaen betrokken bij allerlei louche praktijken. Volgens de componist is deze score in vergelijking met vorige werken wat ouderwetser qua sound en qua instrumentatie, refererend aan de jaren '50. Voorts klinkt hij minder melancholisch en ironisch dan Porcelijns vorige film. ‘Je komt een beetje terecht tussen Stravinsky en Bernard Herrmann. En puur vanuit leidmotief geschreven dit keer. Verder proberen we ook niet het plot te lyrisch te maken in de muziek omdat je er anders echt een thriller van gaat maken op een manier die het eigenlijk niet is. Het gaat namelijk om de lijn achter het verhaal waar de muziek ook zit. Het is op sommige momenten heel groots aangepakt qua muziek.’ 

2015 was een topjaar voor Erik-Jan Grob: drie films en een nominatie voor het Gouden Kalf. ‘Ja, het is een leuk jaar. Ik had Popoz in eerste instantie afgezegd. Good Sounds zou de muziek daarom alleen doen. Maar ik heb me later toch weer beschikbaar gesteld om met hen de film te doen. Verder zien we wel, films komen zo nu en dan op mijn bord en soms is het ook wel prettig om een tijdje geen film te doen. Ik ben een jaar geleden vader geworden en daarna heb ik drie films heb gedaan. Nu heb ik even zoiets van: tja .......’ 

PS












Gerelateerde links
 Startpagina

Score 184
Andere artikelen:
Erik-Jan Grob - Interview
Tom Holkenborg - Interview
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy