Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
Merlijn Snitker - Interview
Score 185, 28 12 2015



‘MIJN EIGEN STEM ALS FILMCOMPONIST ONTWIKKELEN’

Interview met Merlijn Snitker


Weinig films van vaderlandse bodem kregen de afgelopen jaren nog voordat ze in roulatie gingen zoveel publiciteit als Publieke werken, de verfilming van Thomas Rosenbooms bestseller uit 1999. Vooral de spectaculaire filmopnamen in een studio in Boedapest, waar het Amsterdam van de jaren 1890 werd nagebouwd, haalden ver vóór de premièredatum de media. Voor de muziek van deze grote productie deed regisseur Joram Lürsen wederom een beroep op filmcomponist Merlijn Snitker die vorig jaar nog met hem samenwerkte bij Bloedlink. Score sprak onlangs met Snitker die tot voor enkele jaren deel uitmaakte van het Amsterdamse componistentrio Meirmans, Snitker, Wiegel en nu voortvarend aan een solocarrière bouwt.


Publieke werken volgt hoofdzakelijk de levens van twee mannen: de in Amsterdam woonachtige vioolbouwer Walter Vedder (Gijs Scholten van Aschat) en zijn neef, de apotheker Christof Anijs (Jacob Derwig) uit Hoogeveen. In de hoofdstad wordt flink gebouwd aan het Centraal Station en op andere plekken. Dit vooruitgangsoptimisme zal de levens van beide hoofdfiguren ingrijpend bepalen dan wel veranderen. Als er één muzikaal geluid is dat deze film kenmerkt, dan is het wel het geluid van ritmische heipalen dat de onstuimige bouwwoede uit dat laatste decennium van de negentiende eeuw treffend in de score symboliseert. Snitker: ‘Toen Joram mij vroeg om de muziek te componeren en we daar een aantal keren over brainstormden, wilde ik één ding heel graag erin hebben, maar ik wist toen nog niet precies hoe. Ik had het scenario gelezen waarin een aantal keren ‘De nieuwe tijd’ valt. In die periode verandert er van alles in de stad en dat is een onomkeerbaar proces. Het Centraal Station wordt gebouwd, dus de trein komt de stad binnen en toen Joram mij had verteld dat het om een noodlotsdrama ging, voelde die nieuwe tijd voor mij als een soort grote machine die de stad overneemt en die niet meer te stoppen is. Ik wilde een pulse in de muziek hebben die een heipaal suggereert en die als het ware een onafwendbaar gevoel geeft. Dat was het eerste idee dat ik bij de muziek kreeg voordat ik nog een noot op papier had staan.’

Viool

Het prominente geluid van heipalen is slechts één van de vele kenmerken van de gevarieerde, aan thema's en melodieën rijke score die Snitker (1970) creëerde. Een ander kenmerk is de viool die veelvuldig te horen is. Zowel binnen de score als in het filmverhaal speelt het instrument een cruciale rol. ‘Walter Vedder is van oorsprong kastenbouwer, maar om meer aanzien te verkrijgen kiest hij ervoor om vioolbouwer te worden. De viool kan best een fijngevoelig instrument zijn, maar als ik naar het personage keek, vond ik die fijngevoeligheid niet terug in zijn karakter. Toen ik begon met de eerste thema's heb ik om die reden de viool nog vermeden. Het heeft even geduurd voordat ik erachter kwam hoe ik de viool zodanig in kon zetten dat het dicht bij het karakter van Vedder kwam. Dat lukte onder andere door de violist de solo's sul ponticello te laten spelen. Dat is een speeltechniek waarbij dicht tegen de kam aan gestreken wordt waardoor je een ijzige klank krijgt met veel dissonante boventonen. Die klank vond ik goed bij zijn karakter passen. Verder heb ik veel verschillende effecten met de violist opgenomen, zoals het stuiteren van de stok op de snaren. Dit zorgt voor een vervreemdend effect in de muziek. In het verhaal zien we Walter Vedder steeds gekker worden en vervreemden van zijn omgeving. Die viooleffecten zorgen er onder andere voor dat de muziek meekleurt met de gekte van Vedder.’


             Gijs Scholten van Aschat als Walter Vedder in Publieke werken.

Het snaarinstrument was ook op een andere manier van groot belang. Al direct in de heftige beginscène zien we een joodse turfsteker in de buurt van Hoogeveen gedwongen viool spelen terwijl zijn dochter wordt verkracht. Vóór deze opnamen moest er al muziek zijn. Snitker was dan ook al in een vroeg stadium bij de film betrokken. Ook voor een paar andere scènes waarin de viool in beeld komt, moest vooraf muziek worden gecomponeerd. Hoe is die compositie met een onmiskenbaar joodse klankkleur voor die eerste scène tot stand gekomen? ‘Ik wilde weten wat voor culturele achtergrond zo'n arme man heeft die in een plaggenhut leeft en wat voor muziek hij zou spelen. Ik heb toen contact gezocht met Niki Jacobs, een zangeres die een band heeft die Nikitov heet en gespecialiseerd is in joodse volkmuziek. En dan niet alleen maar Klezmer, maar ook allerlei soorten liedjes: slaapliedjes, volksliedjes, liedjes die gezongen of gespeeld worden bij begrafenissen en bruiloften. Ik ben met vragen bij haar gekomen, zoals: kun je mij laten horen wat voor soort muziek er werd gespeeld in 1890? Zij heeft mij toen met een aantal liedjes op een spoor gezet en ik heb vervolgens veel naar dat soort muziek geluisterd. Daarna heb ik dat weer allemaal terzijde geschoven en heb ik het thema gecomponeerd dat de vader speelt. Dat begint heel twijfelachtig, aangezien hij erg onder druk staat, hij wordt met een mes tegen de strot gedwongen om te spelen. Hij zet dat aarzelend in, maar gaandeweg komt hij in een soort van trance, hij sluit zich af voor de ellende en komt dan uiteindelijk in zijn spel terecht zoals hij gewend is om altijd te spelen en dat gaat dan naar een climax toe. Die scène eindigt met een grote dreun: de heipalen beginnen al onder die verkrachtingsscène en op het hoogtepunt zie je zo'n heipaal in de grond gaan en dan ben je van Hoogeveen in Amsterdam terechtgekomen. Het thema dat die vader speelt komt op veel plekken in de score terug, bijna altijd gespeeld op piano en heel af en toe op viool - gespeeld door violist Ro Krauss - tot helemaal aan het eind van de film. Dan hoor je nog één keer datzelfde thema, wanneer het beeld naar het heden draait.’ 

Bij deze film werkte Snitker nauw samen met zowel regisseur Lürsen als editor Peter Alderliesten. ‘Vóór het draaien hebben we een dag bij elkaar gezeten om over de muziek te praten. Over de stukken die op de set werden gebruikt, heb ik regelmatig met hen overleg gehad. Ik heb gedurende de hele opnameperiode mee gecomponeerd met het draaien, ik kreeg af en toe rushes te zien waarna ik thema's ben gaan maken. Vanaf het moment dat de montage echt opstartte, waren er dus al heel veel thema's. Toen ben ik gedurende het hele montageproces mee blijven componeren, waarbij ik samen met de editor en de regisseur steeds aan het ‘pingpongen’ was. Ik kreeg dan scènes toegestuurd waarmee ik aan de slag ging. Ik stuurde die vervolgens weer terug en zo is er een intensieve wisselwerking ontstaan tijdens het montageproces. Ik vind het montageproces de meest interessante periode; dat is namelijk het moment waarop de film zijn vorm krijgt. Ik wil dan al betrokken zijn omdat je dan een wezenlijke bijdrage kunt leveren, maar ook een wezenlijke invloed uit kunt oefenen op de film. Ik vind dat proces interessant, wanneer ik dus in overleg met de editor en de regisseur met mijn muziek kan reageren op de film. En ik merk ook dat de editor met zijn montage dan weer reageert op mijn muziek, en zo ontstaat er een echte wisselwerking. Door al heel vroeg op die manier betrokken te zijn, wordt de muziek belangrijk gemaakt.’ 
 
                 Gijs Scholten van Aschat en Jacob Derwig in Publieke werken. 

Joram Lürsen weet hoe hij muziek moet inzetten in zijn films. Naast de originele score zijn er enkele klassieke stukken van Brahms en Bruch te horen. ‘Joram is een groot liefhebber van klassieke muziek. Hij wilde heel graag iets van Janine Jansen in de film hebben. Het vioolconcert van Brahms is een opname van haar, maar in de film zie je iemand anders dat concert spelen. Dat stuk komt ook nog een keer terug op de aftiteling.’ Had Snitker bemoeienis bij deze bestaande klassieke werken? ‘In zoverre dat Joram een aantal opties had voor stukken die hij graag in de film wilde hebben en dan aan de editor en mij vroeg: ‘Wat vinden jullie, welke van deze stukken zouden jullie kiezen? En welk deel uit die muziek dan?’ Uiteindelijk heeft Joram zelf de keuze gemaakt en ben ik er dus zijdelings bij betrokken geweest.’ Ook moderne instrumenten evenals geluidseffecten klinken regelmatig gedurende de film. ‘Er zitten Moog synthesizerklanken in en er zit ook wat elektrische gitaar in. Ook heb ik de drummer Joost Kroon ritmes laten spelen op metalen steigerpalen. Joram vertelde mij dat hij een moderne benadering voor de muziek wilde. Omdat het verhaal in die jaren 1890 speelt en omschreven kan worden als een kostuumdrama wilde hij dat tegen-kleuren met de muziek. Hij is een groot vioolliefhebber, dus we kwamen tot de conclusie dat het niet alleen maar een heel moderne score moest worden, maar dat het een symbiose moest zijn: een klassiek klinkende score met moderne elementen, waardoor de muziek in onze huidige tijd geplaatst wordt. Het gaat in de film over de nieuwe tijd, dus ik vond het zelf belangrijk om die klassieke klanken te combineren met een moderne sound.’ 

Galaxy Studio

Dat de score, van deze voor Nederlandse begrippen grootschalige productie, in een studio moest worden opgenomen behoeft geen betoog. Waarom werd uiteindelijk gekozen voor de Galaxy Studio in het Belgische Mol? ‘Ik had al een aantal keren met orkesten in Oost-Europa opgenomen, maar ik had nog nooit in Mol gewerkt en ik hoorde altijd ontzettend goede verhalen over het Brussels Philharmonic, de faciliteiten en de opnametechnici in Galaxy. Dus voor mij was het vrij snel duidelijk dat ik daar wilde opnemen en mixen.’ Uniek aan de opnamen is dat de score grotendeels door snaarinstrumenten werd uitgevoerd. ‘Vanwege de link met de viool, als snaarinstrument, heb ik daarvoor gekozen. De piano is natuurlijk ook een snaarinstrument en het orkest bestaat alleen uit strijkers. Er zit geen hout of koper bij.’


                          Het Victoria Hotel in Publieke werken.

Net als bij zijn vorige soloscores Bloedlink, Rendez-vous en Ja, ik wil! verscheen de muziek voor Publieke werken op iTunes. ‘Lang niet alle muziek die in de film zit, staat op iTunes. Ik heb zelf een selectie gemaakt.’ Opvallend is dat de eerste track, Victoria Hotel geheten, in de film pas in het laatste gedeelte is te horen. Waarom heeft Snitker dit nummer op iTunes helemaal vooraan gezet? ‘In Victoria Hotel zit naast de ritmische heipalen ook een noodlotsthema. Op een gegeven moment zet de orkestbegeleiding in en die daalt steeds lager en lager. Halverwege het stuk komt er een melodielijn in, een hoge viool, en ook die gaat, melodisch gezien, van hoog naar laag. Dus het noodlotsthema gaat altijd van boven naar beneden en dat symboliseert de neerwaartse spiraal waarin Walter Vedder terechtkomt. En dat was wat ik van tevoren bij het bedenken van het concept voor de muziek, naast die heipalen, graag wilde. Dit stuk muziek komt twee keer voor in de film. Omdat dit mijn oorspronkelijke idee voor de muziek was, leek het mij een goed idee om dat aan het begin van de soundtrack te zetten, zodat het concept in de muziek vrij snel wordt neergezet.’ 

Solo

Jarenlang was Snitker een van de drie leden van het Amsterdamse componistentrio Meirmans, Snitker, Wiegel. In 2013 scheidden hun wegen en gingen Melcher Meirmans en Chrisnanne Wiegel verder, eerst met zijn tweeën en niet veel later voegde Joris Oonk zich bij hen. Voor Snitker betekende dit een unieke uitdaging. ‘Ik wilde graag een nieuwe stap maken en me verder ontwikkelen. In dat driemanschap hebben we alle drie veel van elkaar en van de verschillende projecten geleerd en hebben we waanzinnige dingen gedaan, maar met zijn drieën ben je altijd een compromis van drie mensen. Ik wilde meer mijn eigen identiteit als componist onderzoeken en vinden. Niet dat ik binnen de samenwerking nog niet wist wat mijn identiteit was, maar om die verder te ontwikkelen moest ik mij wel losmaken.’ Was het moeilijk een nieuw begin te maken? ‘Nee, dat ging vrij gemakkelijk, want toen ik kenbaar had gemaakt dat ik voor mezelf ging beginnen, kwam al heel snel de eerste speelfilm, Bloedlink. In het begin heb ik vrijwel geen acquisitie gedaan, want ik wilde eerst mijn nieuwe studio op orde hebben. Ik wilde een gedegen nieuwe start maken en dus ben ik rustig begonnen met die ene film. Daarna ben ik om me heen gaan kijken wat voor andere projecten voor mij interessant zouden zijn en sinds Bloedlink ben ik non-stop aan het werk.’

Merlijn Snitker heeft een druk en succesvol jaar achter de rug. Welke ambities koestert hij voor de toekomst? ‘Ik wil als filmcomponist een film zo goed mogelijk laten werken met mijn muziek, maar ik wil ook dat mijn muziek niet alleen die film laat werken, maar dat het ook als het ware een extra acteur of verteller is die in de film terechtkomt. Kijk, muziek moet dienstbaar zijn aan de film. Vroeger zei ik altijd: het is een groot compliment als mensen de muziek niet hebben gehoord en de film heel goed vonden, want dan heeft de muziek zijn werk heel goed gedaan en dat vind ik nog steeds. Maar ik vind het nu toch ook interessant als het nog iets verder gaat dan dat, namelijk wanneer de muziek niet alleen maar dienstbaar is, maar je ook een identiteit en karakter voelt vanuit die muziek. Ik wil dat de muziek een eigen stempel drukt op de film zonder dat de muziek dusdanig gaat overheersen dat het de aandacht uit de scène wegtrekt. Ik wil dus graag op zoek gaan naar die eigen stempel. Daar heb ik een grote ambitie liggen: mijn eigen stem als filmcomponist ontwikkelen.’ Onlangs voltooide Snitker de muziek voor de Zweeds-Nederlandse film Siv sover vilse. Met Meirmans en Wiegel heeft hij eerder enkele Belgische films gedaan. ‘Ik heb buiten mijn Nederlandse en Belgische ervaringen nu ook voor een Scandinavische film gewerkt. Ik zou heel graag meer buitenlandse films willen doen. Dus daar ligt zeker ook een ambitie.’


Maar eerst is er Publieke werken. Is deze score een hoogtepunt? ‘Ja, ik heb natuurlijk in het verleden ook voor een paar grote Nederlandse en Belgische films gecomponeerd, maar dat was altijd met zijn drieën. Vanaf het moment dat ik voor mezelf ben begonnen, heb ik al voor een paar televisie- en bioscoopfilms gecomponeerd, maar vanwege het prestige dat aan Publieke werken hing en omdat dit een grote film is die ik voor het eerst echt helemaal alleen heb gedaan, voelt deze film als een hoogtepunt. Ook omdat ik ontzettend tevreden ben over hoe het hele proces gelopen is. Bij deze film is het helemaal gelukt om een score te componeren en produceren op de manier zoals ik dat wil.’ 

PS


Gerelateerde links
 Startpagina

Score 185
Andere artikelen:
Merlijn Snitker - Interview
112 scores op shortlist Oscar
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy