Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
Carter Burwell - Portret
Score 102, 09 06 2006



Van minimalistisch tot romantisch - Verschenen in Score 102, maart 1997

Carter Burwells muziek voor de films van Joel en Ethan Coen



Carter Burwell is net als Howard Shore, die elders in deze editie van Score geportretteerd wordt, een componist die zich heeft verbonden – anderen zouden misschien zeggen die zijn ziel heeft verkocht – aan één filmmaker. Met dit voorname verschil: in Burwells geval is de verbintenis zo mogelijk nog hechter, en gaat het eigenlijk om twee lieden die naar buiten toe optreden als een eenheid: de duivels inventieve gebroeders Joel en Ethan Coen.

Burwell heeft nog meer gemeen met Shore: ook hij woont in New York, ook hij is afkomstig uit de rockscene, en ook hij legt een ongemeen grote belangstelling aan de dag voor geluid in de film en, daarmee samenhangend, het gebruik van elektronica. Shore en Burwell delen zelfs dezelfde sounddesigner: Skip Lievsay.

Carter Burwell studeerde in de late jaren zeventig architectuur en animatie aan de Harvard Universiteit, toen de toenmalige economische recessie hem deed inzien dat belegd brood beter te verdienen was, door je in New York in de punkscene te storten en een rockband te beginnen. Of hij daarmee veel succes had, vertellen de annalen helaas niet. Wel dat hij daar musicus en geluidsexpert Skip Lievsay tegen het lijf liep die hem in contact bracht met de gebroeders Coen. Zij hadden net hun eersteling geproduceerd: Blood Simple. Burwell maakte de muziek voor dit debuut en besloot daarna de filmbusiness maar weer de rug toe te keren en zich op zijn inmiddels van de grond gekomen loopbaan in de computeranimatie te storten. Lang zou hij niet op dat werkterrein verblijven. Een handwerk trouwens waarvan hij achteraf nog altijd vindt dat het grote overeenkomsten vertoont met het schrijven van filmmuziek. Beide brengen immers structuur aan in de tijd; beide dwingen je te denken in seconden en tienden van seconden. Bovendien heb je voor zowel computeranimatie als voor het componeren van filmmuziek een bijna obsessieve hoeveelheid geduld en toewijding nodig.

Het compositorische werk van Burwell is chronologisch goed te volgen aan de hand van de zes films die hij scoorde voor Joel en Ethan Coen. We zien hoe hij van een naïeve, maar creatieve beginneling uitgroeit naar de status van een belangrijk filmcomponist, die voor Fargo, de laatste film van de Coens, zelf de orkestraties verzorgde en het orkest leidde.

Carter Burwell heeft ook voor andere regisseurs muziek geschreven; in feite was het zelfs acteur/regisseur Anthony Perkins die hem met Psycho III, na Blood Simple, opnieuw en naar het schijnt nu voorgoed met de filmbusiness in aanraking bracht. Al die andere scores (onder andere Rob Roy, Bad Company, This Boy's Life) zijn echter, zo geeft Burwell ook zelf aan, zwaar beïnvloed door zijn samenwerking met de Coen brothers.

Van Simple naar Proxy

Blood Simple was het glorieuze debuut, niet alleen van de Coens, maar ook van Carter Burwell. In zijn naïviteit synchroniseerde Burwell de muziek niet bij de beelden. Hij had er de technologie niet voor en wist eigenlijk sowieso niet hoe dat moest. Het gevolg was dat de muziek een zelfstandig leven ging leiden, ook buiten de film. Zeer toepasselijk voor deze bloedige, ijselijke en hilarische thriller (typische omschrijvingen voor bijna alle films van de Coens) was Burwells collage van synthesizers, stemmen en percussie.

Met Raising Arizona, een prachtige comedy over kinderdiefstal, sloeg Burwell een heel andere muzikale richting in. Hij ging country and western, zou je bijna zeggen, met een score vol van jodelgezang, bellen en banjo's. Hij maakte onder andere gebruik van oude countryliedjes, zoals Pete Seegers' Way Out There. Miller’s Crossing was weer van een heel ander laken, een heel ander pak. Eigenlijk was het Burwells eerste echte score met groot orkest. "Toen ik de film voor het eerst zag was-ie emotioneel zo koud dat ik er rillingen van kreeg", zei Burwell in een interview. "Daarom besloot ik, aanvankelijk tegen de wens van de Coens in, een score te schrijven die warmte zou suggereren." En wel zodanig dat de door Gabriel Byrne vertolkte gangster eerder een poëtische Ier dan een koelbloedige moordenaar zou lijken. Burwell meent dat zijn score van Miller’s Crossing uiteindelijk een andere, misschien meer dubbelzinnige film heeft gemaakt dan in de bedoeling lag. En dat nu zijn de meest bevredigende scores die een componist kan schrijven, zo vindt hij.

Na Miller’s Crossing kwam Barton Fink en Burwell zag, kwam en overwon met een score van nog geen twintig minuten! Hij schreef bijna abstracte muziek, vrijwel melodieloos bovendien; eigenlijk ging het eerder om een vorm van sounddesign, dan om doorgecomponeerde muziek. Net als bij Blood Simple werkte Burwell nauw samen met Skip Lievsay. Niemand die de film gezien heeft zal de hallucinerende beelden vergeten, maar velen zullen ook de merkwaardige, creepy geluiden van Lievsay en Burwell onthouden hebben (het holle-buizengeluid, dat wel iets van een onderzeeboot heeft bij voorbeeld). Het maakt Barton Fink tot een weliswaar minimalistische score, maar in zijn effectiviteit misschien de beste die Burwell tot nu toe heeft gemaakt.

Na Barton Fink kon Carter Burwell weer uitpakken met The Hudsucker Proxy, een hommage aan de films van Preston Sturges en Frank Capra en aan de screwball comedy uit de jaren dertig en veertig. Burwell schreef een romantische, opwindende grote-stads-score met een fraai liefdesthema, gebruikte opera-achtige koren en ontleende (misschien wel wat te veel) thema's aan het werk van Aram Katsjatoerian. Dat pakte niet helemaal goed uit. Burwell beschouwt het werk van de Russische componist als een soort klassieke carnavalsmuziek met een werking niet ongelijk aan die van Gershwin en vooral Nino Rota. Dat nu blijkt voor de argeloze toeschouwer in deze contreien niet het geval, zeker niet als hij een bepaalde leeftijd heeft bereikt, want hij blijft de Katsjatoerian thema's associëren met The Onedin Line, toch allesbehalve een comedy.

Fargo

Eén van de beste films van het afgelopen jaar was Fargo, over een in scène gezette ontvoering die zeer bloedig ontspoort en door het kordate optreden van een zwangere politieagente wordt opgehelderd. Opnieuw deden de Coens een beroep op Carter Burwell voor de muziek en opnieuw niet vergeefs, zo bleek. Burwell koos voor een enigszins bombastische, film noir sound en liet zich daarbij inspireren door het meer duistere werk van zulke grootheden als Miklós Rózsa en Dimitri Tiomkin (denk aan films als The Killers en Force of Evil).

Maar ook Scandinavische volksliedjes kregen een plaats in de score, die af en toe de indruk wekt een grote grap te zijn: een auto rijdt rustig door het beeld, en het orkest gaat volledig door het dak alsof er een grootse actiescène wordt begeleid. Precies dat is het wat Burwell en de Coens beogen te bereiken met de muziek: aan de ene kant een vervreemdende, gothic, zelfs creepy sfeer (in de trant van: er is al zoveel misgegaan, maar het kan allemaal nog veel erger), aan de andere kant – en dat is de bijdrage van de folkloristische thema's die op het eerste gehoor overigens eerder iets Iers hebben – een gevoel van melancholie, van stilstand. Muziek die, net als de sneeuw in de film, alles afdekt (en wie de film gezien heeft, weet welke tragikomische gevolgen dat kan hebben).  

Carter Burwell is inmiddels een gevierd componist. Hij zou, vind ik, op zijn minst een Oscarnominatie verdienen voor zijn Fargo-score. Hij beseft hoeveel hij te danken heeft aan zijn opdrachtgevers, Joel en Ethan Coen. Burwell: "Als om wat voor reden dan ook Joel en Ethan zouden stoppen met het maken van films, dan zou ik misschien ook stoppen met het schrijven van filmscores. Zij zijn niet bang iets te maken dat afwijkt, en ik houd heel veel van hun gemene gevoel voor ironie."

Het is met dat gevoel dat Carter Burwell zijn muzikale motor steeds weer oplaadt, ook als hij voor anderen schrijft.   

HM

De belangrijkste films van Carter Burwell die op cd zijn verschenen:

1990
Miller’s Crossing
USA Varèse VSD 5288

1992
Storyville
USA Varèse VSD 5347

1993
And the Band Played on
USA Varèse VSD 5449

1994
Raising Arizona
USA Varèse VSD 47284

It Could Happen to You
USA Columbia 66184

1995
Rob Roy
USA Virgin 40351

1996
Fargo
USA TVT 8010

Looking For Richard
USA Angel 56139




Gerelateerde links
 Startpagina

Score 102
Andere artikelen:
Howard Shore - Portret
Carter Burwell - Portret
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy