Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
David Raksin - In memoriam
Score 133, 31 10 2005



Verschenen in Score 133, december 2004


David Raksin 1912 - 2004

Allround componist en verteller

De grote Hollywoodcomponist David Raksin overleed op 9 augustus dit jaar, vlak na zijn 92ste verjaardag. Raksin werd in 1912 geboren in Philadelphia, in een muzikaal gezin, en speelde vanaf zijn derde levensjaar piano en later ook klarinet en saxofoon. Hij studeerde muziek aan de Universiteit van Pennsylvania en speelde in de jaren twintig en dertig in alle mogelijke jazz- en amusementsmuziekorkesten. De levenslange belangstelling van de piepjonge David Raksin voor film én muziek werd gewekt door zijn vader, die dirigent was van een orkest dat tijdens voorstellingen van zwijgende films voor de muziek zorgde.

Op voorspraak van de orkestratoren Eddie Powell en Herbert Spencer, met wie Raksin in contact was gekomen toen hij voor muziekuitgever Harms inc. als arrangeur ging werken, werd hij medewerker van Alfred Newman, die op zijn beurt weer iemand zocht die Charles Chaplin kon helpen bij de totstandkoming van de muziek voor diens Modern Times (1936). Chaplins klassieker zou de eerste film worden waaraan Raksin als componist/orkestrator meewerkte. Hetgeen overigens niet van een leien dakje ging, zo vertelde hij tien jaar geleden in Score (nummer 90, maart 1994). Raksin: ‘Hoewel ik pas 23 jaar oud was, werd ik vrijwel onmiddellijk goede vrienden met Chaplin, er was echter één probleem: ik verschilde met hem van mening over zijn muziek. Gevolg: na anderhalve week gooide hij me eruit. Alfred Newman heeft het toen voor me opgenomen. Hij vond het wonderbaarlijk wat ik met Charlies drie-noten-tunetjes had gedaan. Hij heeft hem toen opgebeld, waarna Charlies studiohoofd contact met me opnam en mij verzocht weer bij Chaplin in dienst te treden. Maar omdat ik bang was dat hetzelfde probleem zich opnieuw zou gaan voordoen, terwijl ik echt heel graag voor hem wilde werken, heb ik gevraagd of we een bijeenkomst onder vier ogen konden beleggen. In het gezelschap van zijn ondergeschikten had ik hem immers nooit mijn onopgesmukte mening kunnen zeggen, het zou zijn gezag in gevaar gebracht hebben. Ik heb tegen hem gezegd: “Als je er nog een stooge bij wilt hebben, of een secretaris dan ben je bij mij aan het verkeerde adres, maar als je iemand zoekt die bereid is elke dag van de week zijn job te riskeren en er op toe ziet dat de muziek wordt wat ze moet zijn, dan moet je mij hebben.” Hij sloeg me op mijn schouder en dat was dat. Ik werd met andere woorden ingehuurd op mijn eigen termen en we hadden een schitterende tijd. Hij had de muzikale ideeën. Op een heel rudimentaire manier was hij wel degelijk een componist, hij wist alleen niet hoe ze op te schrijven of uit te werken. Ik nam samen met Eddie Powell de orkestratie voor mijn rekening. Later heeft Chaplin ook toegegeven dat het zo in zijn werk is gegaan.’

Raksins houding ten opzichte van Chaplin is de principiële leidraad van zijn gehele loopbaan gebleven, en heeft er zeker toe bijgedragen dat hij tot één van de meest gewaardeerde componisten in Hollywood kon uitgroeien. ‘Mijn opvatting’, zei hij in dat eerder aangehaalde interview in Score, ‘is niet dat ik een soort echo van de opinies van de regisseur moet zijn. Ik ben er om mijn eigen visie naar voren te brengen. Als de regisseur het daarmee eens is, zullen we samenwerken. Indien niet, dan staat het hem vrij een ander in te huren. In mijn professie beweert men nogal eens prijs te stellen op je advies, maar er wordt vervolgens maar al te vaak niet naar je geluisterd.’

Laura

Raksin werd bij een breder publiek pas goed bekend in 1944 met zijn score voor Otto Premingers Laura. Het thema voor die film, dat in de loop der tijd in ontelbare versies is opgenomen, is een oneindige melodie, die stilistisch verwantschap vertoont met het werk van de modernistische componist Arnold Schönberg. Minder vreemd dan het lijkt, voor wie bedenkt dat Raksin vanaf 1935 compositielessen volgde bij deze grote Weense componist, die toen, op de vlucht voor de oprukkende nazi’s, aan de Amerikaanse westkust verbleef. Overigens maakte Raksin Schönberg op zijn beurt weer vertrouwd met de stilistische en ritmische kenmerken van de jazz. In een in memoriam voor de VPRO maakte filmmuziekkenner Theodore van Houten onlangs nog gewag van het feit dat Raksin samen met pianist-componist-entertainer Oscar Levant de armlastige Schönberg tot aan zijn dood in 1951 een toelage verstrekte om van te leven.

Na zijn doorbraak raakte Raksins carrière in een stroomversnelling en zou hij muziek schrijven voor meer dan 100 films, radioshows, musical comedies, theatervoorstellingen, en cartoons. Hij betoonde zich daarin een groot vakman en een evenzo groot eclecticus. Behalve Modern Times en Laura werden vooral zijn composities voor Forever Amber (1947), The Secret Life of Walter Mitty (1947), The Bad and the Beautiful (1952) en Carrie (1952) beroemd.

Raksin werd een gezaghebbend en letterlijk toonaangevend filmcomponist, maar als elk van zijn collega’s, kende ook hij de nodige strubbelingen. Neem zijn score voor Separate Tables (1958). In 1994 vertelde Raksin in Score: ‘Er was een scène tussen Rita Hayworth en Burt Lancaster waarin ze een stevige ruzie hebben. Ik schreef daarvoor een stuk met een lengte van ruim negen minuten, waarvan de eerste helft ook nog eens alleen maar muziek voor strijkers. Helaas, het orkest, de producer en de regisseur begrepen mijn bedoeling niet. Ik moest die scène toen overdoen en heb daarom het filmproject verlaten. Maar voor ik dat deed heb ik de makers nog wel geadviseerd iemand in de hand te nemen die als een soort intermediair zou functioneren tussen de makers en de componist. Nou, toen trokken ze die fantastische orkestrator Herbert Spencer aan. En hij vond mijn score geweldig. Hij vond bovendien dat ik weer mee moest doen met het project, omdat ik anders de reputatie van een arrogant man zou krijgen en, wat nog erger was, de producers mijn muziek zouden mutileren. Maar die scène bleef een probleem. Ze konden maar niet begrijpen wat ik daar deed, zij vatten hem op als één van die "Marlon-Brando-torn-shirts-sequences" waar sexy muziek onder hoorde. Daarom heb ik mijn oorspronkelijke twaalftoons-compositie maar vervangen door een bewerking van één van de overige filmthema's. Het werd allemaal nog hilarischer toen ik een Oscarnominatie kreeg voor de Separate Tables-score.’

Andere minder bekende, maar ook geslaagde scores zijn Force of Evil (1948), Too Late Blues (1961), The Redeemer (1966), Will Penny (1968) en What's the Matter With Helen? (1971). Raksins eigen favoriet bleef altijd Forever Amber (1947), net als Laura geregisseerd door Otto Preminger. Tegen Score zei hij destijds met trots: ‘Die score duurt maar liefst 110 minuten, waarbij tweederde gebaseerd is op slechts één idee!’

De laatste jaren van zijn lange leven was Raksin vooral actief als docent en verteller. In die hoedanigheid was hij in 1998 nog te zien bij de VPRO in het programma Reiziger in Muziek (nog altijd te vinden op de website van de VPRO: www.vpro.nl/vrijegeluiden) bij gelegenheid waarvan hij ook zijn Nederlandse leerling Loek Dikker opzocht.

Raksin was een man met uitgesproken opvattingen over muziek, vooral over klassieke muziek en een onuitputtelijke raconteur van anekdotes over alle grote Hollywoodcomponisten, die hij bijna allemaal persoonlijk had gekend. Hij kon ook in een paar goed gekozen bewoordingen hun stilistische eigenaardigheden neerzetten. Wie daar voorbeelden van zoekt, raadplege: www.pbs.org/lflc/backstage/oct14/raksin.htm en www.americancomposers.org/raksin_intro.htm


HM


Gerelateerde links
 Startpagina

Score 133
Andere artikelen:
De eerste ... deel 4
Debbie Wiseman in concert
Jerry Goldsmith leeft!!
David Arnold - Interview
Alberto Iglesias - Interview
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy