Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
Dmitri Sjostakovitsj - Portret
Score 139, 29 06 2007



Een muzikaal gebergte – Verschenen in Score 139, juni 2006

Honderd jaar Dmitri Sjostakovitsj

Op 25 september is het honderd jaar geleden dat Dmitri Sjostakovitsj werd geboren, schepper van een immens en veelvormig muzikaal grootgebergte: 15 strijkkwartetten, 15 symfonieën, koorwerken, opera's, concerten, kamermuziek, een operette, theatermuziek en, last but not least, prachtige filmmuziek. Sjostakovitsj (overleden in 1975) was onmiskenbaar de grootste Russische componist van de 20ste eeuw. Muziekcriticus Kasper Jansen heeft hem ooit omschreven als ‘de muzikaal chroniqueur van de heftig bewogen historie van de Sovjet-Unie’. ‘Titels van zijn symfonieën als Aan oktober – een symfonische opdracht, De eerste mei, Leningrad, Het jaar 1905, Het jaar 1917 en Babi Yar zeggen genoeg over de Revolutie en de Grote Vaderlandse Oorlog.’

Hij had (en heeft nog altijd) een dubbel gezicht: Sjostakovitsj gold als een politiek dwarsligger, maar was ook het artistieke paradepaardje van de Sovjetautoriteiten. Het in 1979 verschenen, nogal omstreden boek Testimony (Getuigenis) van Salomon Volkov werpt een schril licht op zijn positie onder het Sovjetbewind. Op basis van vele gesprekken met hem, opgetekend door Volkov, toont Sjostakovitsj zich in Getuigenis een verbitterd man, die afrekent met het stalinisme, het communisme en het Sovjetsysteem dat hij tegen zijn eigen geweten in heeft moeten dienen. Het minst wat je kunt zeggen is dat Dmitri Sjostakovitsj een moeizame verhouding onderhield met Stalin en diens paladijnen. Hij kreeg de hoogste staatsonderscheidingen; maar hij viel ook twee keer in ongenade.

Vulgair

In Nederland is hij onder invloed van onder anderen musicoloog en componist Marius Flothuis, tot midden jaren zeventig artistiek directeur van het Concertgebouworkest, lang vooral gezien als een Sovjetpropagandist en bovenal als een slecht componist. Flothuis kwalificeerde zijn muziek als ronduit ‘vulgair’. Zo’n kwalificatie gaat een eigen leven leiden en zal vervolgens mutatis mutandis voor menigeen ook zijn opgegaan voor diens filmmuziek. En dat betekent nogal wat. Want zoals Theodore van Houten niet moe wordt ons (terecht) in te peperen in zijn recente monografie: ‘Ruim een kwart van zijn opusnummers betreft filmmuziek, naar het schijnt het enige genre waaraan hij redelijk verdiende.’ Zijn eerste score, voor de speelfilm Nieuw Babylon (1929), is zelfs zijn langste orkestwerk en bovendien de kiem gebleken voor veel van zijn latere symfonische werk.

Nu kijken we gelukkig anders aan tegen zijn muzikale kwaliteiten, ofschoon zijn filmmuziek nog altijd twijfels oproept. Getuige de recensie in de Classical Good CD & DVD Guide 2005, een uitgave van het letterlijk toonaangevende tijdschrift Gramophone, van een cd die het Concertgebouw wijdde aan zijn filmmuziek: ‘There may be no great music here (…) but with music making of this quality it scarcely matters.’ Anders gezegd: matige muziek, prachtige uitvoering.

Meester

Gelukkig dacht de musicoloog en filosoof  Theodor Adorno daar anno 1947 (in zijn samen met Hanns Eisler geschreven Komposition für den Film) al heel anders over: ‘In principe kan filmmuziek niet beter zijn dan de films die ze begeleidt. (…) De filmmuziek van (…) Dmitri Sjostakovitsj bewijst echter dat deze (…) samenhang niet zonder meer geldt. Ondanks de soms moeizame omstandigheden waaronder de filmmuziek van Dmitri Sjostakovitsj tot stand kwam en ondanks het vaak povere niveau van de bijbehorende films is de kwaliteit van zijn filmmuziek vrijwel altijd goed tot zeer goed. In sommige gevallen is de uitdrukkingskracht van zijn filmmuziek zelfs indrukwekkend te noemen. Zelfs in zijn nogal oppervlakkige en trendy filmmuziek (bij net zo zwakke films) kan men steeds weer opmerkelijke passages beluisteren die bewijzen dat voor Sjostakovitsj filmcomposities een “machtig middel” los van de beelden zijn geweest. Naast een ambachtelijk gezien feilloze en meestal geïnspireerde ondersteuning lukt het hem dikwijls een tweede geestelijke dimensie te creëren die zich steeds duidelijk boven die van de film verheft. De componist laat zelfs in routineuze composities zijn sterk melodieuze gave blijken en hij bewijst bovendien een meester van de instrumentatie te zijn. Hierdoor wordt zijn filmmuziek, die vaak eerder om den brode dan om kunstzinnige motieven is ontstaan, op zijn minst in heel wat gevallen belangwekkend alsmede buiten de films de moeite van het beluisteren waard.'

Genie

Inmiddels is vast te stellen dat Sjostakovitsj zijn sporen heeft nagelaten in het werk van componisten die voor een meer mainstream Hollywood-benadering kozen, zoals Franz Waxman, Miklós Rózsa (met name diens film-noir-scores), Jerry Goldsmith en John Williams. Sjostakovitsj, zo zullen ook zij hebben ingezien, was namelijk een genie. Het gemak en de snelheid waarmee hij componeerde en instrumenteerde kent in de muziekgeschiedenis nauwelijks zijn gelijke. Mozart is de naam die in dat opzicht het vaakst wordt genoemd. Hij zoog het werk van anderen als een spons in zich op: Bach, Beethoven, Berlioz, Bruckner, Mahler, de Russische romantische componisten en vormde al die elementen om tot een strikt persoonlijke stijl, waarin plaats is voor het pathetische, groteske, sarcastische, maar ook het lyrische en dramatische, en voor bijna hymne-achtige stemmingen. Dat geldt voor zijn zeer omvangrijke concertœuvre dat ik hier verder onbesproken laat, maar het zijn ook wezenlijke kenmerken van Sjostakovitsj’ filmmuziek.

Grotesk spel

Dmitri Sjostakovitsj begon zijn loopbaan in de bioscoop: als student aan het conservatorium verdiende hij enige jaren bij als filmbegeleider aan de piano. Zijn debuut als filmcomponist maakte hij met de stille film Nieuw Babylon van Grigori Kozintsev en Leonid Trauberg, een opdrachtfilm die bedoeld was als hommage aan de helden van de Parijse Commune – een sociale beweging die in 1871 bloedig werd neergeslagen. Sjostakovitsj schreef zijn muziek na de film eenmaal in zijn geheel gezien te hebben. Een week nadien meldde hij zich weer bij de studio: men schrok, hij zou de opdracht toch niet teruggeven? Maar de componist speelde anderhalf uur lang zijn score voor op een gammele piano in een vochtige kelderruimte. De regisseurs Kozintsev en Trauberg waren verbijsterd. ‘Het is fantastisch!’, was hun enige commentaar. Waarop Sjostakovistj reageerde: ‘Dat dacht ik ook.’

Sjostakovitsj speelt in deze score al meteen het later van hem zo bekende ironisch-groteske spel met muzikale vormen. Hij omzeilt de clichés (die hij als uitvoerder van het geijkte filmmuziekrepertoire van die dagen natuurlijk goed kende) of gaat er juist tegenin. Hij onderstreept niet per se emoties, maar schept eerder afstand tot het vertoonde. Het gevolg is een kaleidoscopische, veelvormige (Sjostakovitsj schuwt bij voorbeeld de dissonant niet), collage-achtige score, maar met een duidelijke, zij het ongewone structuur. 

Soort opera

Nieuw Babylon flopte, maar dat nam niet weg dat Sjostakovitsj ook voor alle volgende producties van het regisseursduo (waaronder de in de Sovjet-Unie zeer populaire Maxim-trilogie: De jeugd van Maxim, De terugkeer van Maxim en De Vyborg wijk) muziek zou schrijven.

De eerstvolgende was Odna (ofwel: Alleen, 1931), over een onderwijzeres die droomt van het geluk in de wereldstad Leningrad, maar haar pedagogische plichten op last van de oppermachtige staat moet vervullen onder Mongoolse schaapherders. Die film – oorspronkelijk nog bedoeld als stille film, maar enige jaren later omgewerkt tot geluidsfilm – werd wel een succes.

In tegenstelling tot de doorgecomponeerde score voor Nieuw Babylon – overigens: kom daar nog eens om in het gemakzuchtige Hollywood van tegenwoordig – is Odna opgezet als een soort opera met nummers die variëren van marsdeuntjes tot wiegeliedjes, en van draaiorgelmuziek tot fanfares. Spaarzame instrumentatie (op een gegeven ogenblik duikt zelfs een theremin op), lyriek, muzikale karakterisering van de voornaamste figuren – al die kenmerken hebben sommigen verleid om in deze muziek een voorbode te zien van het werk van Bernard Herrmann. 

Hofnar

De meeste van de in filmmuzikaal opzicht beste werken van Sjostakovitsj ontstonden voor (Nieuw Babylon en Odna) en na (zoals: Vijf dagen, vijf nachten, Hamlet en King Lear) de periode waarin Stalin het Sovjetrussische culturele leven volledig om zeep hielp door het de sociaal-realistische duimschroeven aan te draaien. Stalin bepaalde wat goed en slecht was, en om (vaak letterlijk) te overleven was aanpassing aan diens doctrines absoluut noodzakelijk.

Het was in deze periode dat Sjostakovitsj zichzelf wel heeft omschreven als ‘Stalins Jurodiwy’ – Stalins hofnar. Terwijl veel van zijn ‘gewone’ werk niet opgevoerd mocht worden, verwachtte de grote leider van de grote componist muzikale onderbouwing van de van staatswege goedgekeurde  filmproductie. Dat de bijbehorende films tegenwoordig alleen nog historische betekenis hebben, zal niemand waarschijnlijk verbazen.

Toch slaagde Sjostakovitsj er bij tijd en wijle in originele filmmuziek te schrijven, voor de eerder genoemde Maxim-trilogie bij voorbeeld en vooral voor Gouden bergen (1931). Voor die laatstgenoemde rolprent schreef hij muziek uit te voeren door een symfonieorkest, uitgebreid met acht hoorns, een orgel, een mondharmonica en een Hawaiian gitaar. Een zeer gewaagde en ongebruikelijke combinatie. Gouden bergen gold jarenlang als een van dé voorbeelden van een perfecte samensmelting van film en muziek. Het was overigens Sjostakovitsj’ eerste partituur voor een geluidsfilm.

Twintig jaar later schreef hij – nog steeds zuchtend onder Josef Stalin – nogal andersoortig werk voor een film als De val van Berlijn (1949), één van de duurste Sovjetfilmproducties ooit. Dit sociaal-realistische melodrama over een modelarbeider die zich ook nog ontpopt als modelsoldaat, was bedoeld als verjaardagscadeautje voor Stalin. Sjostakovitsj leverde een nogal voorspelbare score, met vooral conventionele, spanningsvolle muziek en zoete lyriek.

Met De horzel (1955) dat een episode uit de Italiaanse vrijheidsstrijd anno 1840 beschrijft, liet  Sjostakovitsj weer een ander muzikaal gezicht zien: hij kon kennelijk ook heel romantisch en melodieus uitpakken. De Romance uit deze film is een soort standaardwerk geworden dat vrijwel iedereen in een of andere vorm wel zal kennen. 

Angst

Veel atmosferischer, minder melodieus en vooral nogal duister van klankbeeld zijn de scores voor  Hamlet (1964) en King Lear (1970). Vooral King Lear heeft meer weg van zijn kamermuziek dan van zijn symfonische werk en beide scores weerspiegelen de ontwikkeling die Sjostakovitsj ook in zijn ‘gewone’ werk de laatste tien jaren van zijn leven doormaakte.

Een makkelijk leven is dat niet geweest. Sjostakovitsj is, dat maken al zijn biografen wel duidelijk, zijn hele bestaan een angstige, zenuwachtige man geweest. Dat had natuurlijk met de politieke omstandigheden te maken waaronder hij moest functioneren. Toen bij voorbeeld regisseur Leonid Trauberg door allerlei partijmachinaties op een zijspoor was gezet, durfde Sjostakovitsj contact met zijn artistieke vriend niet meer aan. Anderen hadden trouwens makkelijk praten, vond hij. Tegen een vriendin zei hij in 1956: ‘Picasso is een klootzak, hij looft de Sovjetmacht en het systeem, terwijl zijn navolgers hier vervolgd en opgejaagd worden. Ik ben ook een lafaard, een klootzak en zo, maar ik leef in een gevangenis en vrees voor mijzelf en mijn kinderen.’ Maar zijn alomtegenwoordige angst was ook een karaktertrek. Tegen het eind van zijn leven merkte hij op: ‘Ik ben overal bang voor, zelfs om over een plas heen te stappen, omdat ik denk dat het een afgrond is.’ 

Krzysztof Meyer die de mooiste biografie over de componist schreef en hem  persoonlijk heeft gekend is er desondanks van overtuigd dat Sjostakovitsj een heel groot man was. ‘Hij straalde een zeldzame grootsheid en goedheid uit en een bijna magische kracht waar men zich niet aan kon onttrekken.’


Boeken:

1. Sjostakovitsj door Krzysztof Meyer is een prachtige, goed geschreven dikke biografie (Uitgeverij Olympus, prijs: € 15,-). 

2. Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975), een leven in angst van (film-)muziekhistoricus Theodore van Houten (uitgeverij Van Gruting te Westervoort, prijs: € 17,50) is gebaseerd op tal van andere biografieën en gaat meer dan andere geschriften in op diens filmmuziek.

Cd’s:

1. The Film Album - Concertgebouworkest onder leiding van Riccardo Chailly. Met delen uit  de scores voor onder andere Odna, Het tegenplan, Hamlet, Sofia en De horzel. Decca 460 792-2.

2. Het Duitse Capriccio-Label heeft tussen 1989 en 1996 zes cd’s uitgebracht met twaalf scores van Sjostakovitsj. Het gaat in tegenstelling tot wat de cd’s vermelden overigens niet om „Original Motion Picture Scores“. Zie voor alle informatie en bestellingen: http://capriccioklassik.de. 

FILMOGRAFIE 

1. Nieuw Babylon (1929), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg

2. Odna (of: Alleen) (1931), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg

3. De gouden bergen (1931, tweede versie: 1936), Sergej Joetkevitsj (score deels verloren)

4. Het tegenplan (1932), Friedrich Ermler & Sergej Joetkevitsj

5. Het sprookje van de pope en zijn knecht Balda (animatiefilm, 1934), M. Tsechanovski (film mogelijk niet voltooid en in 1941 vernietigd)

6. Liefde en haat (1935), Albert Gendelsjtein

7. De jeugd van Maxim (1935), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg

8. Vriendinnen (1936), L. Arnsjtam

9. Maxims terugkeer (1937), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg

10. De dagen van Volotsjajev (1938), Georgi & Sergei Vassiliev

11. Vrienden (1938), L. Arnsjtam

12. De grote staatsburger I (1938), Friedrich Ermler

13. De man met het geweer (1938), Sergej Joetkevitsj

14. De Vyborg wijk (1939), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg

15. De grote staatsburger II (1939), Friedrich Ermler (muziek grotendeels verloren gegaan)

16. Het domme muisje (animatiefilm, 1939), M. Tsechanovski (film niet afgemaakt, reconstructie door Boris Tiles in 1979)

17. De avonturen van Korzinkina (1940), Klimenti Mints (film verloren gegaan)

18. Karl Marx (1940), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg (film op de eerste draaidag al afgeblazen, score verloren)

19. Zoja (1944), L. Arnsjtam

20. Eenvoudige mensen (1945, pas in 1956 uitgebracht), Grigori Kozintsev & Leonid Trauberg

21. Jonge gardisten I en II (1948), Sergej Gerasimov

22. Pirogov (1947), Grigori Kozintsev

23. Mitsjoerin (of: Leven in bloei, 1949), Alexander Dovzjenko & Julia Solntseva

24. Ontmoeting aan de Elbe (1949), Grigori Alexandrov

25. De val van Berlijn (1949), Michail Tsjiaureli

26. Belinski (1953), Grigori Kozintsev

27. Het onvergetelijke jaar 1919 (1952), Michail Tsjiaureli

28. Das Lied der Ströme (of: Sons of the Great Rivers, of: Eenheid, 1954), Joris Ivens (!)

29. De horzel (of: De paardevlieg, 1955), Alexander Faintzimmer

30. Het eerste echelon (1956), Mikhail Kalatozov

31. Moskou, Tsjerjomoesjki (1962), Gerbert Rappoport (verfilming van operette van Sjostakovitsj uit 1958)

32. Kovansjtsjina (1959), Vera Strojeva (verfilming van  opera Moesorgski, orkestratie door Sjostakovitsj)

33. Vijf dagen, vijf nachten (1961), L. Arnsjtam

34. Hamlet (1964), Grigori Kozintsev

35. Een jaar als een mensenleven (1965), Grigori Rosjal

36. Sofia Perovskaja (1968), L. Arnsjtam

37. King Lear (1970), Grigori Kozintsev

38. Intervisie, tune voor de Sovjetrussische tv, sinds maart 1971 in gebruik

39. Dagen van Sint-Petersburg (1973), Grigori Kozintsev (filmplan en score afgebroken door dood Kozintsev)


Opmerkingen:

1. De data duiden op het jaar van release (voorzover bekend of van toepassing).

2. Dan is er nog de kwestie van Pantserkruiser Potemkin van S. Eisenstein. De oorspronkelijke muziek (bij de slotakte) was van Edmund Meisel. Maar voor de tweede gerestaureerde versie (1975) van deze film werd een nieuwe score samengesteld uit fragmenten ontleend aan het symfonisch œuvre van Sjostakovitsj. Met dat ‘werk’ heeft de componist zelf echter geen enkele bemoeienis gehad.


HM

Gerelateerde links
 Startpagina

Score 139
Andere artikelen:
Boekbespreking - Vintage scores
Dmitri Sjostakovitsj - Portret
Paul M. van Brugge - Interview
Boekbespreking - Elfman & Burton
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy