Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
De filmcomponisten spreken
Score 145, 19 04 2008



DE FILMCOMPONISTEN SPREKEN

Verschenen in Score 145, december 2007

Speciaal voor dit laatste gedrukte exemplaar van Score blikken enkele bekende Nederlandse componisten terug. Maar ze kijken vooral ook vooruit in antwoord op een aantal vragen die de redactie van Score hen stelde. De vragen treft u in onderstaand kader aan.


   
      Vragen over het verleden 

  1. Wat was uw eerste score?
  2. Welke score beschouwt u als uw beste?
  3. Wat was de eerste Nederlandse score die uw aandacht trok?
  4. Welke Nederlandse score vond u baanbrekend en waarom?
  5. Wat is volgens u de beste Nederlandse score ooit?
  6. Welke Nederlandse filmcomponist bewondert u?
  7. Kunt u ontwikkelingen in de Nederlandse filmmuziek aanwijzen, en zo ja, welke?
  8. Kan de Nederlandse filmmuziek van de afgelopen decennia zich meten met de internationale filmmuziek?
  9. Krijgt filmmuziek in de Nederlandse pers voldoende aandacht?
 
      Vragen over de toekomst 

  1. Welke uitdagingen zijn er op het gebied van filmmuziek volgens u?
  2. Welke kant gaat het op met de Nederlandse filmmuziek?
  3. Zullen hits de traditionele filmscore op den duur verdrijven?
  4. Heeft de computer het scoren gemakkelijker gemaakt?
  5. Zijn internet en haar mogelijkheden een zegen voor het componeren van filmmuziek?
  6. Zal de cd als geluidsdrager verdwijnen ten faveure van de MP3?
  7. Denkt u dat we in de toekomst filmmuziek alleen nog maar kunnen downloaden?


 
ARTHUR CUNE

Verleden

1. Moord in extase.

2. Moord in extase.

3. Fanfare.

4. De vierde man: uitzonderlijk gebruik van muziek om de onderhuidse spanning te verklanken.

5. De vierde man, zie hierboven.

6. Loek Dikker: zie vraag 4. Boudewijn Tarenskeen: instrumentatie en gebruik van bijzondere instrumenten. Bob Zimmerman: allround vakman, bijzondere instrumentatie en creatief.

7. Ja, de meeste Nederlandse films worden gelukkig nog steeds voorzien van muziek gemaakt door Nederlandse componisten.

8. Ja, een nieuwe lichting talenten naast oude rotten: een goede combinatie die niet onderdoet voor het buitenland.

9. Nee; volkomen onderbelicht. In recensies is er nauwelijks een woord over de muziek. Iedere recensent zou een checklist moeten hebben waarop naast scenario, acteren en vormgeving ook de muziek een plaats zou moeten hebben.

Toekomst

1. Meer aandacht voor filmmuziek in de media. Mensen proberen te doordringen van het belang ervan, zodat er niet op beknibbeld wordt (muziek is de sluitpost).

2. Een constante zoektocht naar iets origineels, allerlei cross-overs mogelijk (bijvoorbeeld: de film speelt in India, instrumenten uit dat land worden geïntegreerd in de score); alles is mogelijk, inclusief het gebruik van soundscapes.

3. Nee; voor dramatiek in de film zal men altijd gebruik blijven maken van een traditionele filmscore. Producenten zullen daarnaast altijd blijven vragen om hits.

4. Ja, het is een handige tool, en geeft aan de regisseur de mogelijkheid een pre-listening-experience te hebben, handig op het gebied van partituren, partijen, etc.

5. Ja; vooral op het gebied van research onmisbaar.

6. Misschien wel, of niet. Waarschijnlijk zijn er over wat tijd weer nieuwe mogelijkheden waaronder de mps (geoptimaliseerd). Nu nog een overgangsfase.

7. Mogelijk; alles is in ontwikkeling op technologisch gebied. We zitten nu in een overgangsfase, even afwachten dus.

LOEK DIKKER

Verleden

1. Het verleden, een trilogie.

2. Rosenstrasse.

3. Soldaat van Oranje.

4. Soldaat van Oranje. Heel goed gedaan!

5. -

6. Rogier van Otterloo. Goede muziek en goede filmmuziek.

7. Ja, technisch is er veel verbeterd, maar inhoudelijke zaken lopen wel achter.

8. Nee, er wordt te weinig geïnvesteerd door de sector.

9. Nee, er is geen notie van het feit dat filmmuziek een nieuw muzikaal genre is.

Toekomst

1. Vechten voor erkenning als separaat genre. Inhoudelijk en financieel investeren in wat de film nodig heeft.

2. Stilistisch gaat het alle kanten op.

3. Een hit is geen filmmuziek en heeft hoogstens een beperkte bijdrage in de dramaturgie.

4. Ja, inhoudelijke en technische toegankelijkheid.

5. Internet heeft geen bijzondere bijdrage.

6. Nee, de cd heeft een betere geluidskwaliteit.

7. Nee, er blijft altijd de behoefte aan een product dat ook zonder computer functioneert.

RENS MACHIELSE

Verleden

1. Sahara Sandwich onder regie van Paul Ruven.

2. Joy Meal, een korte film onder regie van Matthijs Geijskes.

3. De lift van Dick Maas.

4. De vierde man van componist Loek Dikker. Een magistrale openingssequentie waarbij religie, suspense en seksualiteit in een compositie samengevat worden.

5. De Noorderlingen van componist Vincent van Warmerdam.

6. Henny Vrienten voor zijn werk voor de Hans Keller-documentaires. Prachtige klankminiatuurtjes en zoveel beter dan zijn latere, traditionele orkestwerk voor fictiefilms.

7. Ja, wordt meer een industrie met alle gevolgen van dien (soundalikes, etc.).

8. Ja, zolang we maar vasthouden aan onze eigen identiteit en niet wanhopig Hollywood proberen na te doen met grote orkesten, etc.

9. Nee, lees zelden iets over muziek in de media maar het MiMM (www.mimm.nl) gaat daar iets aan veranderen.

Toekomst

1. Het behouden en verder ontwikkelen, naast de industrievariant, van de onafhankelijke film (en dito filmmuziek). De industrievariant is herkenbaar aan het gebruik van tempmusic bij montage en testen waarna de componist een soundalike mag gaan maken. De onafhankelijke film (fictie, docu, animatie, tv) is herkenbaar aan de individuele artistieke identiteit van de betrokken makers zoals regisseur, componist, etc.

2. Het gaat alle kanten op oftewel alles is mogelijk en kan gebruikt worden. De functie van filmmuziek is veranderd, verbreed, waardoor er veel meer muzikale stijlen en genres toegepast worden. Daarnaast is de muzikale wereld gigantisch toegenomen dankzij de technologie.

3. Nee, zullen naast elkaar blijven bestaan, zie hierboven.

4. Ja, zie het antwoord van vraag 2. Toename van stijlen en genres en allerlei mogelijke cross-overs. Daarnaast is de computer (en alles wat daarbij hoort qua technologie) een enorm goed hulpmiddel in de communicatie tussen regisseur en componist.

5. Ja; regelmatig wordt er filmmuziek gecomponeerd zonder dat de regisseur en componist elkaar lijfelijk ontmoet hebben.

6. Ja; mijn kinderen hebben geen cd’s meer maar downloaden alles. Muziek is ‘vloeibaar’ geworden en niet meer gebonden aan de een of andere drager. Ik zie niet in dat ze in de toekomst wel cd’s gaan kopen.

7. Ja, zie hierboven.

MAARTEN SPRUIJT

Verleden

1. Tijmen’s plot.

2. The Seven of Daran: the Battle of Pareo Rock.

3. Soldaat van Oranje.

4. Turks fruit. Een afwijkende stijl, eigenzinnigheid en toch een zeer bekend en geliefd thema.

5. Soldaat van Oranje.

6. Rogier van Otterloo en Han Otten.

7. Nee, ik acht mijzelf te jong om deze vraag goed te kunnen beantwoorden.

8. Ja: zeker!!

9. Redelijk, maar vaak gekoppeld aan de bekende namen zoals Henny Vrienten.

Toekomst

1. Naar vernieuwing streven en toch in dienst blijven van de film in kwestie.

2. Een mengvorm van pop, elektronisch en klassiek.

3. Nee, alleen bij specifieke filmgenres, maar niet in het algemeen.

4. Zeker.

5. Voor de jongere en komende generaties zeker. Het maakt meer internationale samenwerking mogelijk en maakt binding aan een bepaald land een minder belangrijke factor.
6. Verdwijnen durf ik niet te zeggen, maar digitale muziekfiles zullen de traditionele dragers wel meer en meer overschaduwen.

7. Waarschijnlijk zullen er steeds meer (ook kleinere) scores uitkomen die alleen te downloaden zijn. Maar de grote blockbusterhits zullen nog lange tijd ook de traditionele dragers benutten.

FRED VOGELS

Verleden

1. Antilliaanse Koortsmars (1977), een grote grap.

2. Killingfields uit de Back to Normandy-cyclus. Nog steeds niet ontdekt.

3. Soldaat van Oranje.

4. Scores van Rogier van Otterloo (Turks fruit, Soldaat van Oranje). Herkenbaar en dienstbaar, gewoon prachtige muziek.

5. Het antwoord is saai: scores van Rogier van Otterloo. Originele thema’s, prachtige orkestraties.

6. Otterloo, Loek Dikker, Bob Zimmerman, Jurriaan Andriessen, Jurre Haanstra, Maarten Spruijt en waarschijnlijk nog een paar.

7. Muziek wordt steeds belangrijker in de film.

8. Nee, nog niet.

9. Helaas niet.

Toekomst

1. Dat filmmuziek de plek krijgt die het verdient, door betere muziek, betere componisten, betere omstandigheden: producenten, geld en opleiding.

2. Alle kanten op. Filmmuziek is universeel, is niet stijlgebonden aan een genre, maar aan de film zelf.

3. Nee, behalve bij ‘makkelijke producenten’.

4. Yes, er is naast de oude ambacht een nieuwe ambacht ontstaan.

5. Yes, nu kun je veel meer kennis nemen van collega-componisten en hun werk.

6. Yes, almost. De opslagcapaciteit is erg klein ten opzichte van bijvoorbeeld iPod die je zo aansluit op grote installaties. De cd blijft wel als specifieke geluidsdrager.

7. No, films kijken en luisteren.

VINCENT VAN WARMERDAM

Verleden

1. Mijn eerste score was Gossamer, een kortfilm van de onlangs overleden underground-filmer Anton Kothuis. Het was een film gebaseerd op een verhaal van Reve; en Herfstdraden, mijn broer Alex speelde daarin een hoofdrol. Ik weet nog dat ik zeer verlegen was met de aanwezigheid van Monique van de Ven op de besloten première in het Stedelijk Museum van Amsterdam. Ik beschouwde het wel als een enorme stap voorwaarts in de grotemensenwereld.

2. Dat is moeilijk te zeggen. Een strategisch antwoord is natuurlijk de score die bij de beste film hoort want zonder die score zou de film ook waarschijnlijk minder goed zijn. Daar hoort De Noorderlingen zeker bij. De muziek van How Many Roads en Brooklyn Stories van Jos de Putter komt het dichtst bij muziek die ik zelf graag hoor. Een volgende stap zou zijn dat ik er zelf bij ga zingen. Filmmuziek is natuurlijk muziek waarbij de stem vervangen wordt door de beelden. Die stem zou ik soms liever zelf zijn.

3. In eerste instantie geen. Ik was meer geïnteresseerd in film dan in de muziek die daarbij klonk. Vaak waren het buitenlandse films waarin de muziek opvallende momenten kende. Bijvoorbeeld Anatomy of a Murder met de muziek van Duke Ellington, of het gebruik van muziek in Badlands van Terrence Malick. Ik herinner me de muziek van Turks fruit als gelikte zeikmuziek maar moet toegeven dat die muziek wel bijdraagt tot het Turks-fruit-gevoel. Bij het lezen van het boek hoorde ik toch meer John Coltrane. Muziek met ballen. Beroepshalve luister ik natuurlijk inmiddels met een waakzaam oor naar Nederlandse filmmuziek. Als muziek me positief opvalt dan bleek die later meestal van een bestaande componist en soms van Paul M. van Brugge.

4. Baanbrekend is niet echt het woord dat direct in me opkomt als ik denk aan Nederlandse scores. Maar ik heb ook een heleboel niet gezien en gehoord.

5. Goede film+goede muziek+intelligent toegepast=betere film.

Glas - Bert Haanstra, muziek: Pim Jacobs
Spoorloos - George Sluizer, muziek: Henny Vrienten
Fanfare - Bert Haanstra, muziek: Jan Mul

6. Met sommigen voel ik me verwant: Paul M. van Brugge, Klaas ten Holt. Anderen kan ik waarderen om hun ambachtelijkheid: Loek Dikker, Bob Zimmerman. Weer anderen om hun onafhankelijkheid: Willem Breuker.

7. Het gebruik van de temptrack is een kwalijk misverstand. Eens en voor altijd: ik heb me er altijd tegen verzet en nu doe ik het echt niet meer. De temptrack is een bijna standaard procedure geworden in de nabewerkingsfase van een film. Het zijn in eerste instantie vaak de editors die in staat gesteld door de moderne digitale techniek, bestaande muziek zijn gaan gebruiken. Filmmontage is, net als de muziek, een time based art en bij het monteren kan muziek een constructieve maar ook ’n flatterende invloed hebben. Grofweg gezegd: zet er (goede) muziek onder en het lijkt al gauw ergens op. Maar dan ….. Muziek heeft de eigenschap dat men eraan hecht, niet zozeer misschien om de muziek zelf maar meer om het effect dat het heeft op het beeld. Dat is ook precies waarom muziek ingezet wordt in de dramaturgie. En hier voert de componist die de temptrack moet vervangen een verloren strijd. Want het is misschien niet heel moeilijk om muziek te maken die erop lijkt, het is onmogelijk om het effect ervan op de kijker na te bootsen want het is immers andere muziek die een ander effect heeft op de kijker. Kortom, vervangers van temptracks zijn altijd minder. Een ander nadeel is dat, door het gebruik van temptracks, filmmuziek steeds meer op elkaar is gaan lijken. Logisch gevolg van het feit dat er sprake is van imitatie. En niet alleen de muziek zelf maar ook de plaatsing ervan. Meer wel dan geen muziek en muziek lijkt ook steeds minder echte muziek te zijn, geluidslagen, glijdende strijkers, percussie-effecten, galmende onderaardse mythische geluiden, alles wordt ingezet om een betekenisvolle, vaak dreigende sfeer op te roepen. In de hoogtijdagen van Hollywood hielden films er een volstrekt eigen gebruik van filmmuziek op na. Films als John Boorman’s Point Blank en Deliverance, Coppola’s The Conversation, Five Easy Pieces. Originele films met ‘originele’ muziek. Ook Kubrick die vaak bestaande muziek op een verrassende wijze gebruikte (en de financiële middelen had om de rechten te ‘clearen’). Waarom is Thomas Newman’s American Beauty zo goed? Omdat hij brak met de clichés en een nieuw, inmiddels alweer veelvuldig geïmiteerd geluid produceerde. Door de korte tijd die een componist gegeven is, is een temptrack ook wel handig gebleken en er zijn al een heleboel jongens die er al bijna niet meer buiten kunnen. Tot echt inspirerende scores leidt dat zelden. Ik vind het heel prettig en belangrijk dat de regisseur, de editor en de componist een gevoel ontwikkelen over wat goed is voor de film. Daarbij is het natuurlijk helemaal niet verboden om te refereren aan bestaande muziek voor de sfeer, de dynamiek, bezetting, etc. Ik claim ook niet het alleenrecht van het plaatsen van de muziek. Vaak is de editor degene die door vindingrijke kleine of grote verschuivingen de muziek zijn uiteindelijk goede plek geeft; in grotere filmlanden is dat niet voor niets een aparte functie. Maar ik blijf me verzetten tegen het aanleggen van bestaande muziek omdat ik uit ervaring weet dat twee partijen teleurgesteld zullen zijn; de regisseur en de editor omdat de nieuwe score niet beter is dan de temp, en de componist die niet de gelegenheid heeft gehad om een eigen visie op de film te ontwikkelen.

8. De kracht van de Nederlandse filmmuziek ten opzichte van de internationale filmmuziek zit wat mij betreft in zijn originaliteit. Die wordt verkwanseld door het eeuwige misverstand op Hollywood te willen lijken (zie ook vorige vraag). Ik heb een keer een stagiaire van de HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, red.) in de studio gehad toen ik opnamen had met het Sextet van Carel Kraayenhof. Na een uurtje hield hij het voor gezien want hij was niet geïnteresseerd in dat geknutsel met een accordeon. John Williams met zijn symfonische scores was zijn grote voorbeeld. Tja …….

9. Niet echt, maar dat is in andere landen toch niet veel beter? Ik ben al blij als mijn naam überhaupt genoemd wordt. Ook in het theater wordt mijn aandeel vaak verzwegen of beschreven in een zin als ‘de Spaans aandoende muziek van Victor van Swammerdam leek soms op Kurt Weill maar meestal helemaal nergens op.’ Filmmuziek is een toegepaste vorm en een componist die aandacht te kort komt raad ik aan ‘autonome’ muziek te maken.

Toekomst

1. Voor mij is elke film een muzikale uitdaging om iets te ontdekken, uit te vinden. De kick van bijvoorbeeld Bij ons in de Jordaan (Willem van der Sande) was om die Jordaan-melodieën om te vormen tot veel complexere symfonische muziek. De kick van b.v. Kicks (Albert ter Heerdt) was juist om het gebruik van dissonanten uit te sluiten. Om muziek te maken waarin hoop doorklinkt. Maar het belangrijkste moment in het proces van filmmuziek maken is naar mijn idee het begrip van de film vertalen in muziek die dat begrip versterkt. Dat gebeurt vaak niet in een keer maar daar moet je, samen met de regisseur, naar zoeken. Het mooiste is dan als een scène echt gaat werken met de muziek en ondenkbaar wordt zonder die muziek.

2. Dezelfde kant op als met de Nederlandse film. De Nederlandse minimarkt verhindert een echt professionele aanpak. Er is weinig tijd, weinig geld, geen reserve. De betere films zouden gefinancierd moeten worden met het geld dat een commerciële film overhoudt. Die reserve kennen we niet in Nederland. Zelfs Zwartboek levert niet echt wat op. Ondertussen groeit de markt van de distributeurs die vasthouden aan dat idee van opbrengst, geen risico durven of mogen nemen, want hun prioriteit is toch vooral om het monopolie van de Amerikaanse film in stand te houden. Een film staat bijna altijd onder druk van de bezoekersaantallen. Ook al in de voorbereiding. Elke beslissing wordt daaraan gerelateerd. De vormgeving van het affiche. De keuze van de acteurs. De song tijdens de aftiteling (ook een hardnekkig verschijnsel dat meestal niet veel meer oplevert dan wat opgeklopte belangstelling van de tienermarkt). Ik hoopte ooit even dat het openbreken van de Europese markt de Nederlandse film meer lucht zou geven maar dat is naar mijn weten toch niet echt gebeurd. Echt talentvolle cineasten als David Lammers of Clara van Gool dreigen kopje onder te gaan omdat ze gevangen gehouden worden door hun kunstzinnig imago. Clara van Gool (die toch onder meer drie Gouden Kalveren en een Emmy op zak heeft) probeert al jaren een speelfilm van de grond te krijgen. Haar ontwikkeling stagneert. Om antwoord te geven op de vraag: de filmmuziek hobbelt daar nog eens achteraan. Maar het systeem kan nooit verhinderen dat er steeds weer, ook en misschien juist met beperkte middelen, mooie dingen gemaakt worden. En heel soms vertrekt er dan iemand naar het buitenland. (Wanneer maakt Mike van Diem nu eens de opvolger van Karakter. Of heb ik iets gemist?)

3. Het toevoegen van een liedje betekent ook vaak een extra stem die concurreert met de vertelling van de film. Het gevoel van het liedje distantieert zich dan juist van het beeld. Dat kan toch niet de bedoeling zijn. Maar het heeft ook prachtige en originele momenten opgeleverd (Magnolia, The Graduate, Mulholland Drive).

4. De computer heeft het scoren toegankelijker gemaakt voor amateurs zoals ik.

5. Nee, niet speciaal.

6. Nee.

7. Kweenie.

BOB ZIMMERMAN

Verleden


1. De elektriseermachine van Wimshurst (Erik van Zuylen, 1977).

2. For My Baby/Goodnight Vienna (Rudolf van den Berg, 1997).

3. Fanfare (Jan Mul).

4. De vierde man (Loek Dikker): Amerikaanse symfonische allure.

5. De ontdekking van de hemel (Henny Vrienten): een combinatie van compositorische en dramaturgische inzichten.

6. Jurre Haanstra, Henny Vrienten, Loek Dikker. Constante compositorische kwaliteit.

7. Tendens naar MIDI-score, maar waar niet? Geen veroordeling!

8. Ja, soms …… Regisseurs te gauw tevreden met dunne ideeën.

9. Nooit genoeg!

Toekomst

1. Voortgaande kwaliteitsverbetering, ook op productioneel niveau.

2. Digitaal-instrumentale combinaties.

3. Ja, tendens is al jaren gaande …. maar nooit helemaal.

4. Ja, praktische gebruik: uitproberen wordt eenvoudiger. Nee: componeren blijft altijd complex.

5. Zeker, uitwisseling van ideeën! Nee: auteursrecht onder druk!

6. Ja, waarschijnlijk grotendeels.

7. Ja, het wordt sowieso het medium voor het grootste deel der consumenten.

Gerelateerde links
 Startpagina

Score 145
Andere artikelen:
De filmcomponisten spreken
De redactie neemt afscheid
David van der Heijden - Interview
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy