Website
 Startpagina
 Over Score
 Contact
 Zoeken
Abonnees
Gebruikersnaam

Wachtwoord
 Aanmelden
Cinemusica Database
Zoeken  
  Componisten  
A-Z  
  Albums  
  Tracks  
De eerste ... deel 3
Score 132, 03 12 2005



De eerste … Filmliedjes (deel 3) - Verschenen in Score 132, september 2004

Met de komst van de geluidsfilm in 1927 veranderde er veel op muzikaal gebied. Orkesten, orgels en piano’s waren niet meer nodig in bioscopen, filmzaaltjes en andere gelegenheden waar films vertoond werden. Er onstond grote werkloosheid onder de musici.

Al in 1896 werden in Berlijn op het adres Unter den Linden 21 geluidsfilms vertoond aan het publiek door middel van synchroon lopende grammofoonplaten. Helaas zijn deze platen niet bewaard gebleven. In 1900 werd in Engeland een serie films gemaakt met liedjes onder de naam Phono-Bio-Tableaux Films. Vesta Tilley zong onder andere de liedjes The Midnight Son en Louisiana Lou. De oudst bekende Engelse speelfilm met geluid is Cinderella (1913) met Gertie Potter. Het geluidssysteem werd Vivaphone genoemd. Op 11 Augustus 1906 werd voor het eerst patent gegeven voor een geluidsfilmsysteem aan Eugène Lauste.

In de Verenigde Staten vonden de eerste presentaties van geluidfilms voor het publiek plaats op 15 april 1923 in het Rialto Theatre te New York. Lee De Forest vertoonde daar een aantal muzikale korte filmpjes gemaakt met het ‘Phonofilm’-proces. In dat jaar werden 34 bioscopen in het oosten van de Verenigde Staten uitgerust met het Phonofilm-geluidssysteem en werden de muzikale korte films vertoond in het voorprogramma vóór de zwijgende hoofdfilm. Deze bestonden onder andere uit zang met Eddie Cantor en Chic Sale en verder muzikale onderwerpen met Ben Bernie en Paul Specht. Toch werd in die dagen de geluidsfilm niet serieus genomen door de filmindustrie. Het was commercieel niet interessant, hoewel William Fox in 1924 het Phonofilm-patent had overgenomen.



De doorbraak kwam echter in 1927 met, wat nu bekend staat als ‘de eerste geluidsfilm’, The Jazz Singer met Al Jolson in de hoofdrol. De première van deze Warner Bros.-Vitaphone- (geluid op plaat) -productie vond plaats op 6 oktober 1927 in het Warner Theatre op Broadway. De film bevatte maar een klein gedeelte geluid, de rest was gewoon een zwijgende film. In deze film zingt Al Jolson onder andere de liedjes Dirty Hands, Dirty Face en Toot-toot-tootsie. In The Jazz Singer komt ook de allereerste song voor die speciaal geschreven is voor een speelfilm door Louis Silvers. Dit liedje, Mother I Still Have You, werd eveneens gezongen door Al Jolson. Het eerste liedje uit een film dat op grammofoonplaat verscheen was Mother o’ Mine uit The Jazz Singer, gezongen door Al Jolson. De plaat werd tegelijkertijd uitgebracht met de première van de film op het Brunswick-label. De eerste hitsong uit een film was Sonny Boy uit de film The Singing Fool (1928), gezongen door Al Jolson (foto) en gecomponeerd door Buddy G. DeSylva, Ray Henderson en Lew Brown. De première van de film was op 28 september 1928 en binnen negen maanden waren er ruim twee miljoen Sonny Boy-platen verkocht. Het werd een periode waarin vele musicals verschenen op het witte doek.

RV


Gerelateerde links
 Startpagina

Score 132
Andere artikelen:
De eerste ... deel 3
Wim Mertens - Interview
Wim Verstappen - In memoriam
Jerry Goldsmith - In memoriam
Opties
Printer VersiePrinter Versie
VersturenVersturen

Login: Redactie | Abonnees | Top Pagina


© 2005 Stichting Cinemusica | Website by RISQ Consultancy